Met de kerk der eeuwen belijden we van harte: ‘Ik geloof in God de Vader, de Almachtige, Schepper van de hemel en de aarde’. In deze Schepper leven wij, bewegen wij ons en zijn wij (Hand. 17:28). Deze God staat aan het begin van ons leven en heeft het laatste woord over ons leven. Hij maakt Zich tot ons welzijn bekend in het beschreven Woord en in het vleesgeworden Woord.     

In dit beschreven Woord lezen we als fundament van ons menszijn: ‘En God schiep de mens, naar Zijn beeld: naar het beeld Gods schiep Hij hem: (letterlijk) mannelijk en vrouwelijk schiep Hij hen’ (Gen. 1:27). In Zijn goedheid en wijsheid verbindt Hij aan deze orde uitdrukkelijk Zijn zegen (Gen. 1:28a). Uit Genesis 2:7 wordt ons duidelijk, hoe Hij mannelijk heeft geschapen. Uit Genesis 2:18-24 hoe en waarom Hij vrouwelijk heeft geschapen. In het anders-zijn vormen zij een wonderlijke eenheid. Gezegend en tot een zegen.

De Godsopenbaring door het vleesgeworden Woord, de Herschepper Jezus Christus, sluit hier expliciet bij aan. In de loop van het Oude Testament zien we de enorme macht van het heidendom, dat zichzelf tot norm is. ‘Zelf uitmaken wat goed en kwaad is’ leeft immers in elk mensenhart. Dat geldt ook van elk mens dat bij deze Godsopenbaring leeft. Dat blijkt pijnlijk in de confrontatie van Jezus met Zijn (kerkelijke!) omgeving. In allerlei vragen en verwarring blijft Hij wijzen op de scheppingsorde: ‘Hebt gij niet gelezen, Die van den beginne de mens gemaakt heeft (onze Schepper dus), dat Hij hen gemaakt heeft mannelijk en vrouwelijk?’ (Mat. 19: 4). Woordelijk hetzelfde als in Genesis.

Van de kant van de farizeeën wordt Hem echter simplistisch Bijbelgebruik verweten: zo simpel ligt het Schriftberoep in het moreel beraad m/v niet. Want Mozes denkt er toch genuanceerder, gemakkelijker over (Mat 19: 7). Bij alle scheefgroei blijft de hoogste Leraar wijzen op de Scheppingsorde zoals God die vanaf het prilste begin bedoelt. Dat blijft in OT én in NT de norm! Verdrietig is wat daarna volgt. Zelfs Zijn eigen discipelen spreken Hem tegen. Ze houden Zijn ethisch standpunt voor idealistisch en daarom eigenlijk irreëel. Kinderen en knechten van God blijken door de tijdgeest het ethisch kompas kwijt te zijn. Het pragmatisme viert in de kerk hoogtij… Hoe reageert Jezus hierop? Hij volstaat met te wijzen op de noodzaak van de onderscheidingsgave van Boven (Mat. 19:12). In de levenspraktijk komt het aan op trouw aan het Woord. In of buiten het huwelijk. Want alleen de waarheid van het Woord werkt welzijn.   

Daar moge dit Bijbels Beraad voor gezegend worden!


Ds. G. J. van Aalst is predikant van de gereformeerde gemeente te Klaaswaal

Gerelateerde artikelen

Reiniging van de zonde

Dwaalt niet: noch hoereerders, noch afgodendienaars, noch overspelers, noch ontuchtigen, noch die…

Reformatorische scholen weer vol onder vuur

Het NRC publiceerde vandaag een explosief artikel over de Gomarus in Gorinchem.…

Hoe spreken in deze wereld?

Vanuit wat we al eerder gehoord hebben, is duidelijk dat we leven…