Seksuele verlangens zijn niet van vandaag of gisteren. De strijd daartegen ook niet. We moeten in ónze tijd tot een antwoord komen, maar daarvoor kunnen woorden van vroegere predikanten ons goed helpen. W. Teellinck beschrijft in zijn boek ‘Het nieuwe Jeruzalem’ een fictief gesprek, ontleend aan het beeld Maria aan de voeten van Jezus, uit de geschiedenis zoals beschreven in Lukas 10.

Samenspraak:

Maria: „Wat moet ik dan toch doen, Heere Jezus, om mijn kwade begeerten te doden?”

De Heere Jezus: „Daartoe zijn in het bijzonder twee dingen nodig:

Ten eerste. Onttrek die aardse en vleselijke dingen aan uw begeerten, waarnaar zij zo hunkeren. Een mens die verleid wordt tot onzedelijkheid, moet zijn gedachten van alle onzedelijke bedenkingen en bewegingen afhouden en nog veel meer van onzedelijke daden. Hij zal dan merken dat de onzedelijkheid van dag tot dag meer en meer gebroken zal worden. De onreine geest zal vergaan bij gebrek aan voedsel. Lees daarvoor Romeinen 13:9 en Galaten 3:24.

Ten tweede. Dwing uzelf tot allerlei geestelijke overdenkingen en keer u tot heilige gedachten en meditatie en u zult merken dat daardoor ten laatste, als met een geweldige slag, de geest van onzedelijkheid zal worden gedood. Zo doodt men de werken van het vlees door de geest. Lees Romeinen 8:11 en 12.”

Maria: „Ik zal dat trouw proberen te doen, maar waardoor zal ik mogen weten, Heere Jezus, of ik mijn boze lusten heb gedood en of ik mijzelf op de juiste manier heb verloochend?”

De Heere Jezus: „Als u uw kruis om Mijnentwil gewillig elke dag opneemt.”

Maria: „Maar is er elke dag kruis en lijden?”

De Heere Jezus: „Ja, u moet weten dat de ware christenmens zelfs in de gemakkelijkste tijden nog zijn kruis en zijn martelaarschap heeft. Hij heeft zijn strijd en zijn beproevingen in duizend gelegenheden, bijzonder in het tegengaan van de verleidingen van de wereld. In de wereld leven gewoonten die niet met Mijn Woord, Mijn bevel en met het levende hart overeenkomen. Wilt u weten of u zich op de goede manier hebt verloochend, bekijk dan of u sterke weerstand kunt houden tegen de loop van de wereld.

Bent u zo gezond in uw hart, dat u het ongemak en de versmaadheid om Mijnentwil kunt ondergaan? Op deze manier hebben Mijn getrouwe dienaars en dienaressen het verstaan: zij hebben het nodig geacht zich zo ver te verloochenen om Mijnentwil, dat zij vertroost zijn geweest als zij hun soms hoge positie, hun middelen en inkomen, hun goed en bloed en alles moesten verlaten!

Hun boze lusten en begeerten hebben zij van tevoren gedood, anders hadden zij nooit tot zulk een besluit kunnen komen. Hadden zij nog enige zondige lusten in zich gehad, dan zouden zij door zulke grote lusten overheerst zijn geworden om Mij te verloochenen en de wereld aan te hangen. In tijden van vervolging zouden zij hun leven en wereldse dingen behouden hebben, als zij zich niet hadden verloochend.

Het is goed te verstaan, dat diegenen die zich in dagen van vrede laten overhalen door liefkozingen of andere lusten om Mijn raad opzij te schuiven of Mijn geboden te breken, in dagen van vervolging de galg, het rad en het rooster (straffen van vroeger, red.) om Mijnentwil niet zouden kunnen doorstaan.

Hoe zou iemand die om Mijnentwil niet enige kleine haarvlechten (in Teellincks tijd een teken van wereldgelijkvormigheid, red.) of zoiets (iets kleins dus) zou willen afleggen, ooit ijzeren boeien om Mijnentwil willen dragen?”

Gerelateerde artikelen

Het zevende gebod #8 – Single: gemis?

De Heidelbergse Catechismus behandelt het zevende gebod kort, kernachtig. Over de rijke…

Het mooiste liefdeslied – praktische lessen uit Hooglied #6: loslaten & goed ouderschap

In het boek Hooglied bezingt Salomo de liefde tot zijn bruid. Op…

Het zevende gebod #4 – Het huwelijk: het is er nog!

De Heidelbergse Catechismus behandelt het zevende gebod kort, kernachtig. Over de rijke…

Het zevende gebod #1 – Een groot geschenk

De Heidelbergse Catechismus behandelt het zevende gebod kort, kernachtig. Over de rijke…