Tijdens de studieconferentie over transgenderisme die op 1 juli 2021 in Alblasserdam werd gehouden, verzorgde ds. C. Sonnevelt een Bijbels-theologische doordenking over het thema van de conferentie. Een verslag van zijn bijdrage.

„Waarom ik hier sta? Eén: van huis uit heb ik een grote bewogenheid meegekregen voor underdogs, mensen aan de rand van de samenleving. Mensen die met genderdysforie worstelen, behoren tot die categorie. Twee: de genderideologie die voor deze underdogs vrijheid predikt, brengt gebondenheid. Die beweging vernietigt de vrijheid, uit naam van de vrijheid. Daar moeten we tegen strijden.”

Het bestrijden van de genderideologie ziet de predikant als een christelijke taak. „Zou het liefde zijn om het niet over deze dingen te hebben? Kunnen we stil blijven als een complete generatie wordt gehersenspoeld? Als Gods scheppingsorde als irrelevant wordt afgeschreven? Kunnen we ermee bestaan het erover te hebben en pastorale zorg te verlenen, zonder de ideologie te bestrijden?”

Ds. Sonnevelt beschouwde de Bijbelse visie op het transgendervraagstuk langs tien lijnen.

1. De schepping en de scheppingsordeningen.
„‘En God schiep de mens naar Zijn beeld; naar het beeld Gods schiep Hij hen; man en vrouw schiep Hij hen’ (Genesis 1:27). Theologen die positief staan tegenover sociale en/of medische transitie van mensen naar het andere geslacht lopen telkens weer tegen deze tekst aan. Het is een tekst die de bipolariteit van mannen en vrouwen onderstreept. Hoe kan dan gezegd worden dat er geen ‘tijdloze, cultuurloze blauwdruk’ voor de mens is?”

2. De zondeval en zijn gevolgen.
Genderdysforie is een gevolg van de zondeval. De mens, het kroonjuweel van Gods schepping, heeft zich van zijn goede Schepper afgekeerd en is gevallen in de zonde. Ds. Sonnevelt: „Deze val heeft ontzaglijke gevolgen gehad voor de mens en zijn wereld. Ontmoeten wij thans verwording en gebrokenheid, dan ligt hier de diepste oorzaak.”

3. De wet van God
De predikant betoogde dat transgenderisme tegen het eerste, zesde, negende en tiende gebod van de tien geboden ingaat.

  • Als de mens gaat bepalen of hij man of vrouw is, gaat hij zelf op de troon zitten. Dat is zonde tegen het eerste gebod.
  • Zo’n geslachtsaanpassende operatie is een verminking van je lichaam, en gaat daarmee in tegen het zede gebod.
  • Als een man zich vrouw noemt, of andersom, spreekt hij onwaarheid: zonde tegen het negende gebod.
  • Ten slotte is het een verkeerd begeren om een ander lichaam te willen hebben. „Het tiende gebod vraagt ons tevreden te zijn met dat wat God ons geeft. Is dat makkelijk? Nee. Bruist mijn hart daartegenin? Helaas. Maar in het houden van Gods geboden is groten loon.”

4. De verlossing in Christus.
„Wanneer we de wet van God als een belangrijke Bijbelse notie noemen, kunnen en willen we ook niet om het evangelie heen. We moeten daarom altijd met twee woorden spreken, ook als we te maken hebben met de nood van genderdysforie. We mogen wijzen op de verlossing die er is in Christus Jezus voor allen die met hun nood en zonde bij Hem leren schuilen. Het is een verlossing die wij allen nodig hebben.”

5. Een blijvende gebrokenheid.
„Is dan alles opgelost? Ben je dan ineens een heel ander mens? Dat zou een misverstand zijn. Het zou ook niet eerlijk zijn het zo voor te stellen. „Verzoekingen horen bij het leven en zeker bij het leven van een christen”, zegt dr. Klaassen terecht in het eerste boek dat door Bijbels Beraad M/V is uitgegeven. „En dat betekent ook een levenslange worsteling om rein te leven voor Gods aangezicht.”

God heeft ons een lichaam gegeven met de bedoeling dat dit lichaam een tempel van Zijn Geest zal zijn. Wanneer die Geest in het hart woning heeft gemaakt, geldt het woord van Paulus: ‘Want gij zijt duur gekocht; zo verheerlijkt dan God in uw lichaam en geest, welke Godes zijn’ (1 Korinthe 6:20).”

6. Verankering van onze identiteit.
Om die reden is het voor christenen heel belangrijk te leven bij het Woord van God en niet zozeer bij hun gevoelens. Onze identiteit moet verankerd zijn in dat Woord. Wat zegt de Bijbel dan over onze identiteit? Het is een identiteit die bestaat uit meerdere aspecten:

  1. Je bent een mens en geen dier.
  2. Je bent mannelijk of vrouwelijk.
  3. Je bent een mens die geplaatst is in verschillende relaties: tot God, tot je naaste, tot jezelf en tot de natuur.
  4. Je bent een gevallen mens, een zonder, levend in een gebroken werkelijkheid.
  5. Je bent onderworpen aan Gods wet.
  6. Je bent een voorwerp van Gods genadige bemoeienis.
  7. Je bent een kind van God, als het goed is, dus als je wedergeboren en in Christus geborgen bent. En daardoor ben je ook een beelddrager van Christus.
  8. Je bent een mens met een roeping in dit leven, en als christen ben je iemand met een dubbel grote verantwoordelijkheid. Je bent geroepen om in afhankelijkheid van Christus het “zout der aarde” te zijn.

7. De deugd van zelfverloochening.
„Calvijn noemt in zijn Institutie, Boek 3, hoofdstuk 7 zelfverloochening „de kern van het christelijke leven”, iets dat onder meer tot uiting komt in het kruis-dragen (hoofdstuk 8). Hetzelfde thema wordt opgepakt door meerdere vertegenwoordigers van de Nadere Reformatie. Het zou weleens vruchtbaar kunnen zijn om deze erfenis uit het verleden nuttig te maken voor de omgang met transgendergevoelens in het heden. Hoe dan ook, naast tevredenheid is zelfverloochening zonder meer een Bijbelse notie.”

8. De mens als eenheid van lichaam en geest.
Een achtste Bijbels-theologische notie is die van de mens als eenheid van lichaam en geest. Terwijl de Bijbel de eenheid van lichaam en ziel benadrukt, is er in onze huidige cultuur sprake van een dualistische opstelling. Het lichaam wordt tegenover iemands persoon gesteld alsof het twee losse entiteiten zijn en alsof het lichaam minderwaardig is. Juist in het licht van de huidige ethische vragen is het van eminent belang de waarde van het door God geschapen lichaam te benadrukken. Als we het belang van ons lichaam ontkennen of relativeren, wreekt zich dat op andere terreinen. Het zal zich ook wreken bij de vraag hoe we moeten omgaan met genderdysforie en transgenderisme.”

9. De bijzondere positie van de vrouw.
„Laten we benadrukken dat vrouw-zijn geen vloek is, of zo. We denken snel dat lichamelijke verschillen tussen man en vrouw in het nadeel van de vrouw zijn. Dat is niet zo; integendeel! Vrouwen hebben bijvoorbeeld een grotere natuurlijke schoonheid en zijn fijngevoeliger. Die mooie kant ontkent en relativeert de genderideologie. Toen olympisch kampioen Bruce Jenner zich had laten opereren tot vrouw, verscheen er een foto waarop Caitlyn zich liet fotograferen met een dikke laag make-up en een diep decolleté. Is dat wat iemand vrouwelijk maakt? Wat een vreselijke stereotypering is dat.”

10. Bewogenheid en liefde.
De transgenderideologie is volgens ds. Sonnevelt onbarmhartig. „De tolerantie van vandaag lijkt zo liefdevol, maar is ten diepste vaak een gebrek aan wezenlijke liefde en echte belangstelling voor de ander. Mensen worden het bos ingestuurd. De transgenderideologie neemt alle vastheid weg die onze goede Schepper gelegd heeft in het werk van Zijn handen. Is het niet barmhartiger wanneer wij elkaar en onszelf oproepen tot liefde voor de Heere en wanneer wij elkaar wijzen op de liefde van de Heere? Waarom zouden wij trouwens mensen die hun lichaam haten bevestigen in hun gevoelens en keuzes? In Nigeria ben ik veel vrouwen tegengekomen die een blanke huidskleur wilden. Is het barmhartig om hen te bevestigen in die onnatuurlijke gevoelens? Nee, toch? „Black is beautifull”, zei ik dan.”

Gerelateerde artikelen

‘Ben’ je homo? – Seksualiteit, identiteit en de Bijbel

Is iemand zijn of haar seksualiteit? Is een mens met homoseksuele gevoelens…