Waarom het in Hongarije niet lukte om het krijgen van kinderen te stimuleren

Waarom mislukte het experiment van Hongarije?

Geen land ter wereld spendeerde zoveel geld om het geboortecijfer omhoog te krijgen als Hongarije. Het leek te werken, tot vijf jaar geleden. Toen begon het weer te dalen. Valt er iets van te leren?

De afgelopen jaren stonden we herhaaldelijk stil bij het feit dat in de meeste landen ter wereld het geboortecijfer zo ver is gedaald dat het zal leiden tot een krimpende en sterk vergrijsde bevolking. Inmiddels is het een onderwerp geworden dat wereldwijd aandacht begint te krijgen.  

Hongarije als casus

Er is één land ter wereld dat meer dan wie dan ook verwoede pogingen deed om deze ontwikkeling te keren en daar miljarden in investeerde sinds 2010. Dat land is Hongarije. Het begon eigenlijk al eerder. Ook in de decennia ervoor kende Hongarije al diverse vormen van gezinsvriendelijk beleid. Premier Viktor Orbán verhief het vanaf 2010 echter tot absolute hoeksteen van de nationale strategie.

Aanvankelijk leek het te werken. De geboorteratio steeg van 1,23 kinderen per vrouw in 2011 tot 1,61 in 2020. Dat is weliswaar nog steeds onder het niveau van 2.1 wat nodig is om een bevolking in stand te houden, maar het leek een duidelijk succes. Ook in andere opzichten was het beleid opmerkelijk succesvol: veel meer huwelijken, minder echtscheidingen en zelfs een halvering van het aantal abortussen.

Echter, vanaf 2021 begon de geboorteratio weer te dalen, jaar na jaar, tot 1,31 in 2025. Dat was niet omdat Hongarije het beleid aanpaste, of bezuinigingen doorvoerde. Dr. Tony Rucinsky van Coalition for Marriage sprak onlangs met Dr. Georgina Kiss-Kozma van het Hongaarse Youth Research Institute om beter te begrijpen waarom wel. Het beleid van Hongarije was en is vooral op gebaseerd op fiscale bevoordeling van de jonge generatie die gezinnen sticht. Ongeveer 6% van het nationale inkomen wordt hieraan besteed, wat heel veel is.

Dat werkte dus aanvankelijk heel aardig, maar wat veranderde was de wereld, volgens Georgina. Denk aan corona, de oorlog in Oekraïne, de energiecrisis en economische teruggang. Die ontwikkelingen hebben aanleiding gegeven tot een afnemend gevoel van veiligheid, gemeenschappelijkheid en stabiliteit. En dat leidt ertoe dat mensen later en minder vaak trouwen. Jonge mensen hebben ook steeds meer moeite om een goede partner te vinden.

Het laat zien dat gezinsbeleid een ingewikkeld onderwerp is. Het is allemaal niet zo maakbaar. In het gesprek met Georgina komt aan de orde dat minstens dertig sociale, culturele en economische factoren een rol spelen bij gezinsvorming. Veel heeft uiteindelijk te maken met cultuur en waarden van mensen, met wat een samenleving als normaal ziet. Het gaat, met andere woorden, uiteindelijk vooral over onze breed gedeelde beginselen, om dat ouderwetse woord maar eens te gebruiken.  

Leren van Groen van Prinsterer

Onlangs verscheen een heruitgave van de biografie van Groen van Prinsterer (1801-1876) van Roel Kuiper. Dit jaar wordt herdacht dat hij 150 jaar geleden stierf. Hij was het met name die het begrip ‘beginselen’ populariseerde. Groen had een goed huwelijk, maar het bleef kinderloos. Niettemin voelde hij zich zeer betrokken op kinderen, en de zorg voor goed christelijk onderwijs was een levenslange passie. Hij en zijn vrouw waren tevens nauw betrokken bij een weeshuis in Den Haag waar zij woonden. Jarenlang waren ze er wekelijks te vinden, en Groen gaf er vermoedelijk catechisatie.

Hij leefde in een tijd van grote veranderingen. De Franse Revolutie zorgde voor enorme omwentelingen door heel Europa. Hij was een jaar of dertig toen voor hem persoonlijk de puzzelstukjes als het ware op zijn plaats vielen. Hij komt tot de conclusie dat de stelselmatige afval van het christendom de hoofdoorzaak is van alle kwaad en schrijft hierover: ‘Sedert dien tijd zijn duizende zaken mij duidelijk geworden, die ik vroeger als onoplosbare raadsels had beschouwd, en de gansche geschiedenis wordt mij eene doorgaande bevestiging der waarheden, die de H. Schrift openbaart.’ 

Later schreef hij dat de beginselloosheid van zijn tijd een oorzaak heeft in ‘Godsverzaking’. Het was de filosofie van de achttiende eeuw die de ’toetssteen der waarheid’ niet meer in God en Zijn Woord, maar in de mens en zijn rede heeft gezocht. Vanaf dat moment dateert het bederf in de wetenschappen en het verval van staten. Voortgedreven door een ‘valsche leer’ heeft men stelsel na stelsel uitgeprobeerd en geen vaste grond gevonden. Teleurstelling, cynisme, materialisme en eigendunk zijn het gevolg van deze hoogmoed. De kwade vruchten van de beginselloosheid kunnen echter worden bestreden als men ‘God weder als middenpunt en bron der waarheid erkent.’

Terug naar Hongarije

Wat leren we al met al van Hongarije? Uiteindelijk toch wat ook Groen leerde. Alleen een land dat wil terugkeren naar Gods geboden, dat een christelijke natie wil zijn, zal werkelijk floreren. En alleen dan zal een land weer verjongen: er zullen meer huwelijken gesloten worden, meer kinderen geboren worden, minder kinderen in de moederschoot gedood worden, en minder huwelijken op de klippen lopen.

De rest is eigenlijk bijzaak. Het verwarrende is dat dit in Hongarije met de lippen beleden werd. De regering had de mond vol over ‘christian values’. Maar dat is iets anders dan een doorleefd nationaal belijden ervan, onder leiding van een regering die zich werkelijk Gods dienares weet. De structurele misstanden op het gebied van bijvoorbeeld kindermisbruik in instellingen in Hongarije, en de onwil van de regering Orban om toereikende maatregelen hiertegen te nemen, illustreren dit.     

Toch is het te simpel om het gezinsvriendelijke beleid van Hongarije daarmee als een totale mislukking te zien. Niemand weet hoeveel slechter Hongarije af zou zijn geweest als het beleid niet was ingezet. Het laat echter wel zien dat nationaal gezinsbeleid niet werkelijk effectief zal zijn, tenzij die samengaat met wezenlijke verandering van breed gedeelde beginselen, oftewel, een nationale bekering.

Ook interessant

Scherm uit, gezin aan

Door intensief schermgebruik verdwijnt er iets kostbaars: gezamenlijk leven en geestelijke bezinning. Daarom ‘scherm uit, gezin aan’.

Veranderingen als tekenen der tijden

Zijn de veranderingen op ethisch gebied niet de tekenen der tijden? Moeten we niet vragen naar Zijn wederkomst, om de aarde te

Was vroeger alles beter?

Is onze tijd echt zo erg? In sommige opzichten zijn we er juist op vooruit gegaan. Want elke tijd werpt nieuw licht