Psychisch geweld als Paard van Troje?

Paard van Troje. Bron: Canva

Moet psychisch geweld als algemeen begrip strafbaar gemaakt worden? Volgens de Nederlandse regering wel. Eind juni opende de overheid een consultatieproces. Deze wijziging van het wetboek van strafrecht is een gevaarlijk voorstel, een paard van Troje, dat de weg opent voor verdergaande ideologische sturing van de samenleving door de overheid.  

Het doel van de indieners wordt waarschijnlijk door iedere weldenkende Nederlander gedeeld: het voorkomen van “partnerdoding”. Daarom zou de overheid de bevoegdheid moeten krijgen om eerder strafrechtelijk te kunnen ingrijpen bij waarschuwingssignalen. Het doel is goed, maar het wetsvoorstel niet. Ik zal uitleggen waarom.

Doel is goed

Het doel van het wetsvoorstel is goed. Juist christenen weten dat. Partnerdoding is een overtreding van het 6de gebod: “Gij zult niet doden” (Ex. 20:13). In het verlengde daarvan veroordeelt de kerk psychologisch geweld. De Heidelbergse Catechismus zegt: “Wat eist God in het zesde gebod? Dat ik mijn naaste noch met gedachten, noch met woorden of enig gebaar, veel minder met de daad, door mijzelven of door anderen ontere, hate, kwetse of dode; maar dat ik alle wraakgierigheid aflegge.” Het is een zonde om met woorden of gebaren anderen te onteren of schade te berokkenen.

Christenen zien psychologisch geweld dus als een ernstige zonde. Juist als dit in eigen kring gebeurt, vooral wanneer dit wangedrag goedgepraat wordt met een beroep op Bijbelteksten of ‘geestelijk’ inzicht. Wie beseft hoeveel schade psychologisch geweld aan de naaste doet, en hoeveel pijn, onzekerheid en doodsangsten dit kan veroorzaken, weet dat dit alles wat God met menselijke relaties bedoelt, kapot maakt.

De kerk leert dat God de man tot hoofd van de vrouw gemaakt heeft om haar verstandig te leiden, te troosten, te onderwijzen en te beschermen. Het huwelijksformulier voegt daaraan toe: “Bovendien zult gij uw huisvrouw liefhebben als uw eigen lichaam, gelijk Christus Zijn gemeente liefgehad heeft. Gij zult niet verbitterd tegen haar worden.” Van de vrouw wordt gevraagd volgens Gods Woord op te treden: “Gij zult uw wettigen man liefhebben, eren en vrezen, ook hem gehoorzaam zijn in alle dingen die recht en billijk zijn, als uw heer.” De apostel Paulus vat de wederzijdse plichten als volgt samen: “Een iegelijk hebbe zijn eigen vrouw, alzo lief als zichzelven; en de vrouw zie, dat zij den man vreze.” (Ef.5:33). Er wordt gesproken van wederzijdse plichten. Immers, psychisch geweld wordt dikwijls ook bedreven tegen mannen. Mannen zijn ook regelmatig slachtoffer van ‘partnergeweld’, zo blijkt uit wetenschappelijke studie.

Handhaving het eigenlijke probleem

Toch deugt dit voorstel niet om psychologisch geweld in het strafrecht op te nemen. Daarvoor zijn tenminste vier redenen te noemen.

In de eerste plaats is de wetswijziging overbodig. Het strafrecht verbiedt nu al concrete uitingsvormen van psychisch geweld, zoals stalking, bedreiging, dwang, mishandeling, vrijheidsberoving en intimidatie. Dit zou voldoende handvatten aan de politie moeten bieden om op te treden. Dikwijls blijkt echter uit nieuwsberichten over huiselijke moord dat de politie ondanks allerlei ernstige signalen, niet ingreep. Ik noem de moord op Sam en Ineke (2025) en de zaak van Humeyra (2018) als beruchte (helaas zeker niet de enige) voorbeelden. Nieuwe extra wetgeving gaat het probleem dus niet oplossen.

Tegen de geest van het strafrecht

In de tweede plaats vereist het strafrecht dat burgers vooraf redelijk kunnen weten welk gedrag strafbaar is. Dat is bij dit wetsvoorstel niet het geval. Begrippen als ‘psychisch geweld’, ‘emotionele mishandeling’ of ‘dwingende controle’ zijn vaag. Bovendien zijn ze vatbaar voor politiek/ideologisch misbruik. Juridisch is het namelijk ondoenlijk om naar de letter van dit wetsvoorstel bewijs te leveren volgens objectieve maatstaven. Ook zijn valse beschuldigingen juist in relatieconflicten niet ondenkbaar. In een dergelijk juridisch moeras is handhaving problematisch. Dat die nu reeds tekort schiet, is deel van het probleem. Er is juridisch dus geen basis voor deze nieuwe wet.

Gevolg van internationale lobby

In de derde plaats komt de wens tot nadere regeling van psychisch geweld niet van de politie, de Vereniging voor Rechtspraak, of de Orde van Advocaten, maar van ideologisch gemotiveerde lobbygroepen die gehoor kregen bij de liberale bewindslieden Ingrid Coenradie (PVV) en David van Weel (VVD). Liberalen vonden vroeger dat de overheid zich zo weinig mogelijk moest bemoeien met het leven van de burger, maar tegenwoordig is dat kennelijk anders. Het plan is een direct gevolg van de internationale lobby in 2024 door Amnesty International. Dit is een organisatie die zich zou moeten bezighouden met gevangenen onder dictatoriale regimes, maar die kennelijk meent dat partners met relatieproblemen binnen die doelstelling passen.

Een andere belangrijke speler was het European Institute for Gender Equality, een club die vindt dat de klassieke christelijke visie op huwelijk en seksualiteit onaanvaardbaar is. Dan was er, natuurlijk, de Raad van Europa (die nauw samenwerkt met zowel de Europese Unie als de Verenigde Naties) die het al jarenlang als stokpaardje heeft. Het verdrag van Istanboel (2011) is vanaf 1 maart 2016 in Nederland van kracht. Echter, het betrokken artikel 33 uit dit verdrag eist geen strafbaarstelling van psychisch geweld. Het vraagt slechts om “wetgeving of andere maatregelen”.

Het vage en juridisch ondeugdelijke begrip “Coercive control”, ofwel “dwingende controle” is overgenomen van de internationale lobby. Door de vaagheid ervan leent het zich voor ideologische politieke sturing van de maatschappij. Het kan al heel snel “dwingende controle” van de overheid worden die meent burgers te moeten voorschrijven hoe zij hun huwelijk dienen in te richten naar artikel 1 van de grondwet. Het is niet ondenkbaar dat wie, in zaken die recht en billijk zijn, aandringt op gehoorzaamheid van zijn vrouw volgens het klassieke huwelijksformulier, aangeklaagd kan worden op grond van “dwingende controle”. Ook is het zeer wel mogelijk dat uitspraken als “Gij zult geen heerschappij gebruiken over uw man, maar stil zijn” op termijn gezien zullen worden als haatspraak en dwingende controle van vrouwen door een religieuze gemeenschap.

Beleidsmatig onverantwoord

Samengevat, dit wetsvoorstel negeert het eigenlijke probleem: het gebrek aan handhaving van de bestaande wetgeving. Juridisch deugt het niet, en het leent zich uitnemend voor ideologische inmenging van de overheid en anderen in de privésfeer. Behalve dat de nieuwe wet niets tastbaars toevoegt aan het bestaande strafrecht, is het belangrijk om te noemen dat de basis voor deze wetswijziging volgens de cijfers van de politie gemiddeld 1 persoon per maand betreft. Let wel, “persoon”. In veel van de gevallen gaat het om kinderen, zoals vorig jaar in Kalenberg, Moergestel, en Beerta. Hoewel elke partnerdoding er één teveel is, vormen deze cijfers geen gezonde statistische basis voor nieuwe wetgeving. Bovendien kan de politie nu reeds tijdig ingrijpen op grond van het bestaande strafrecht. In zulke omstandigheden een wetsvoorstel indienen dat uitblinkt in vaagheid en zich leent voor oneigenlijk gebruik, is onverantwoord.

Niemand zit te wachten op dit soort bemoeizucht. Ter vergelijking, er vallen 7.300 doden per jaar in Nederland door valongelukken. Gaat de overheid zich straks ook bemoeien met bejaarden die traplopen in hun eigen huis omdat er doden bij vallen? Nederland moet geen DDR 2.0 worden. Dit wetsvoorstel mag om politieke, juridische, en grondwettelijke redenen zo snel mogelijk van tafel. Ook vanwege de financiële verantwoordelijkheid richting de burger. Natuurlijk zijn mensenlevens geld waard, maar 5 miljoen euro uitgeven en kostbare tijd van het parlement gebruiken voor iets wat zowel onwenselijk als juridisch onnodig is, komt neer op verspilling van ’s rijks financiën.

In plaats van dit soort oneigenlijk emotieve procedures te lanceren, zou het heel veel beter zijn als de nationale wetgever dit geld gebruikte voor een gespecialiseerd politieteam dat alle aangiftes van geweld of bedreiging tegen vrouwen nationaal screent en de regionale collega’s op tijd activeert. Dat redt daadwerkelijk levens van vrouwen en kinderen. En dat willen we allemaal.

Ook interessant

Kreten op kleding

Vorige zomer viel het me ineens op: bijna iedereen liep met een tekst op zijn shirt rond. En omdat ik veel met