Transgenderwet in twijfel

Kamerlid Van Ginneken D66

De wijziging op de Transgenderwet die deze week behandeld werd in de Tweede Kamer had een hamerstuk moeten worden. Het liep anders. In plaats daarvan werd het een controversieel voorstel dat veel emoties opriep. Drie van de vier coalitiepartijen uitten twijfels of waren tegen. De behandeling wordt in het najaar vervolgd. Maar het is de vraag of uitstel afstel wordt.  

Het was mede dankzij de campagne Gendertwijfel dat in de achterliggende weken een stevige maatschappelijke discussie over het voorstel ontstond, die doordrong tot het parlement. Dat was een goede zaak, want het gaat om een fundamentele wissel die men wil omzetten. In een interview in het Algemeen Dagblad verwoordde Jenny, die spijt heeft van haar transitie naar jongen, heel goed welke bezwaren het wetsvoorstel zoal oproept: “Als jij sociaal en juridisch al in transitie bent, je geslacht en naam hebt aangepast, is het zo’n logische stap om ook het medische traject in te gaan. Dit voorstel normaliseert het transgender zijn. En als je daar eenmaal in zit, kom je er niet meer uit. Ik weet zeker dat er veel meer mensen zijn met spijt. Je kunt ook gewoon een jongensachtig meisje zijn.”

Gepasseerde stations

Het is daarom positief dat dit voorstel veel discussie opriep. Daarbij moet wel bedacht worden dat er al veel wissels gepasseerd zijn in de achterliggende jaren voordat dit wetsvoorstel aan de orde kwam. Het is er één in een reeks van vele. Anders gezegd: er is heel veel dat maatschappelijk en politiek al lang meer niet meer ter discussie staat, hoewel je daar Bijbels gezien grote moeite mee kunt hebben. Het is zaak om die niet gewoon te gaan vinden. Dat geldt ook wanneer het gaat om transgenders.

Het is bijvoorbeeld al lang en breed toegestaan om geslachtsveranderende behandelingen te doen bij minderjarigen. Steeds meer pubers kiezen hiervoor, vooral jonge meiden. Dergelijke zogenaamd ‘bevestigende’ behandelingen worden algemeen gezien als ‘best practice’. Ook in alle maatschappelijke geledingen is bevestiging de norm voor correctheid geworden. Geen kamerlid haalde het in zijn/haar hoofd om D’66 kamerlid Van Ginneken nog aan te spreken als ‘mijnheer’, hoewel Van Ginneken biologisch gezien man is.

Het wetsvoorstel

Ondanks de breed geuite bezwaren moet gevreesd worden dat het wetsvoorstel – als God het niet verhoedt – in aangepaste vorm alsnog aangenomen zal worden, lettend op uitspraken van regeringspartijen VVD en CDA. Misschien zonder verlaging van de leeftijdsgrens, wat winst zou zijn. Misschien met invoeging van een gesprek met een ambtenaar in plaats van het schrappen van de deskundigenverklaring, wat overigens een wassen neus zou betekenen. De kern van het wetsvoorstel blijft dan echter overeind staan. Het subjectieve gevoel, in de zin van ‘gevoelde genderidentiteit’, wordt bepalend voor de administratieve werkelijkheid.

Het dieptepunt van het debat deze week was overigens het optreden van BIJ1-Kamerlid Simons, die SGP-Kamerlid Bisschop meende te moeten toevoegen dat ze bij het horen van zijn ‘preek’ heel hard moest lachen om zijn beroep op het beeld van God in zijn betoog. Met veel potsierlijke aplomb stelde ze dat ‘God niet meedoet in dit debat’. Ze beriep zich daarbij op de scheiding tussen kerk en staat, een volstrekt onzinnig argument. Het laat zien dat zelfs voorzichtig geformuleerde verwijzingen naar God en Zijn geboden tegenwoordig aanleiding kunnen geven tot onbegrip en hatelijke reacties. En dat het niveau van Kamerleden soms veel te wensen overlaat. Het moet gezegd worden dat Van Ginniken juist op dit punt respect uitsprak richting Bisschop.   

Wat te doen?

Wat staat christenen nu te doen wanneer het gaat om de Transgenderwet? Allereerst, de campagne tegen de wet moet doorgaan. De mensen van de Gendertwijfelcampagne formuleerden het correct: een slap en doorzichtig compromis is onvoldoende. Daarbij mag Gods Woord niet verzwegen worden, alle Sylvana Simonsen ten spijt. Dat is de waarheid die werkelijk heilzaam is en vrij maakt. Dat betekent niet dat ook alle andere argumenten niet het volle pond moeten krijgen, zoals dat ook in de achterliggende tijd gebeurd is. Christenen moeten en mogen de héle waarheid liefhebben, ook de biologische waarheid en de waarheid die verstaan wordt uit het boek van de natuur. Maar Gods Woord moet evenzeer spreken. Uiteindelijk moeten we het hebben van de God van het Woord.

Daarnaast is zelfreflectie op zijn plaats. De geest waar deze wet uit voortkomt heeft ook vat op ons als christenen. Ook wij zijn geneigd onszelf en ons gevoel meer en meer centraal te stellen. De waarheid en de eer van God raken naar de achtergrond. We hebben daarom weinig reden om ons te verheffen, wél veel om ons te bekeren.

En daarom allerbelangrijkst: we moeten op onze knieën, zuchtend om de geest der genade en der gebeden, en ons verootmoedigen en tot Hem wederkeren. En als het gaat om de verdere behandeling van de Transgenderwet mogen we de Heere vragen om te tonen dat Hij regeert, zodat Zijn Naam geheiligd wordt, Zijn Koninkrijk komt en Zijn wil geschiedt.  


Gepubliceerd: 30-09-2022

Gerelateerde artikelen