Ds. M. Klaassen diende een gravamen in tegen de visie van de PKN op homoseksualiteit. Het is link om voor een interkerkelijk platform als Bijbels Beraad M/V iets te schrijven over een kerkelijke aangelegenheid. Daarom zie ik het nu ook niet als mijn taak om te zeggen wat anderen (in de PKN) moeten doen. Maar omdat de zaak zo nauw verbonden is met onze taak, geef ik toch wat gedachten mee.

Gravamen
Ds. Klaassen diende een gravamen in. Dat is een gewichtig bezwaar tegen het belijden van de kerk. Dit omdat de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) ruimte laat en steeds meer ruimte geeft aan kerkelijke (in)zegening van homoseksuele relaties en transgenders die een transitie hebben ondergaan. Strikt genomen staat dit niet in de belijdenis van deze kerk (de Drie Formulieren, etc.). Maar een gravamen kun je volgens de kerkorde niet slechts indienen tegen ‘de belijdenis’ maar tegen ‘het belijden’ van de kerk. Nu, volgens ds. Klaassen gaat het daar inderdaad over. Leest u daarvoor de verklaring van ds. Klaassen zelf. Het gaat me nu om de conclusie die hij eraan verbindt. Nu het gravamen zelfs niet in behandeling is genomen, vraagt hij zich af of er nog plaats voor hem is in deze kerk.

Dit roept bij velen de vraag op, of hij niet verdraagzamer moet zijn jegens de hele breedte van de kerk. En of het niet mooi is dat hij (en andere orthodoxe predikanten) verdragen wordt, zodat hij in die brede kerk toch een Bijbels geluid kan laten horen. Laten we het over die verdraagzaamheid eens hebben.

Verdraagzaamheid
Heel wat brede kerken hebben een manier gevonden om verdraagzaam te zijn. In de PKN zitten allerlei verschillende visies in één kerk, komen elkaar wel tegen op vergaderingen maar hebben niet echt wat met elkaar. Natuurlijk zijn er soms botsingen. Daarop is het antwoord: „We moeten met elkaar in gesprek gaan.” Het doel van zo’n gesprek? Meestal meer ‘elkaar een beetje begrijpen’ dan ‘elkaar de waarheid zeggen’. Er moet ruimte zijn voor iedereen. De laatste jaren gaat ook de GKv steeds meer op deze manier functioneren.

Andere kerken werken weer anders. Soms door er pragmatisch mee om te gaan. Evangelischen zonder strikt kerkverband hebben weinig met elkaar te maken, kunnen hun eigen weg zoeken en trekken op punten waar herkenning is alsnog samen op. Mozaïek hanteert bij uitstek een gemeentevisie waarin verschillen uitgevent worden. Niet alleen binnen één kerkverband maar juist binnen één gemeente. Hoe verschillender de mensen zijn, en dus ook hun opvattingen, hoe veelkleuriger het mozaïek dat ze samen leggen. Dus erger je er niet aan als de ander anders denkt dan jij, maar wees daar juist blij mee!

Verdraagzaamheid in de Nederlandse Hervormde Kerk
Sommigen vinden verdraagzaamheid dus het summum. Anderen zien dat niet zo, maar zeggen dat je er mee moet leven. Dat wordt ds. Klaassen wel te verstaan gegeven, aangezien hij lid is van de PKN, die altijd al pluriform is. En, zo wordt gezegd, zo was dat bij haar voorganger, de Nederlandse Hervormde Kerk (NHK), toch ook?

Tot op zekere hoogte wel. Voor 2004 (het jaar waarin de PKN ontstond) bestonden er binnen de NHK ook de meest uiteenlopende opvattingen. Sommigen waren daar blij mee. Maar zo niet de Gereformeerde Bond. Deze is niet opgericht om ook een van de vele stemmen te zijn, maar om te midden van alle stemmen van dé waarheid te getuigen. Alle jaren door hebben heel wat hervormde predikanten met pijn in hun hart toch met liefde hun plaats in de kerk ingenomen. Zij verlangden trouw te zijn aan de Bijbel en wilden de kerk daar ook op aanspreken. Maar daarvoor waren wel twee voorwaarden nodig:

1. Dat de kerk ook echt ergens op aan te spreken is.
2. Dat er gelegenheid is om dit te doen.

De kerk was altijd ergens op aanspreekbaar. De Nederlandse Hervormde Kerk was een gereformeerde/reformatorische kerk (en dus vanouds helemaal niet pluriform!). In theorie moest iedere predikant zich houden aan de Drie Formulieren van Enigheid. De praktijk was anders, maar je had als bezwaard predikant in elk geval been om op te staan.

Bij de vorming van de PKN werd dit wat anders. Er kwamen meerdere belijdenisgeschriften bij, met als uitleg: dit kan allemaal naast elkaar bestaan. Voor sommigen was dit reden om te zeggen: daarin kunnen wij niet mee. Zij vormden de Hersteld Hervormde Kerk. Anderen zeiden: ondanks dit probleem gaan we toch mee de PKN in, want je kunt de anderen altijd nog aanspreken op de Bijbel.

Dan dringt zich wel de vraag op, of dat ook echt kan. Het meest prangend is die vraag geworden rondom ordinantie 5.4, over het ‘zegenen’ van homoseksuele relaties. Daarmee heeft de PKN iets in de kerkorde geplaatst wat lijnrecht tegen de Bijbel ingaat. Vandaar dat dit nu het springende punt geworden is voor ds. Klaassen. Niet omdat hij dit het centrale element van het christelijke geloof vindt, maar omdat het hier het allermeest gaat spannen.

Verdraagzaamheid gaat knellen
Nu zou je kunnen zeggen: Oke, best begrijpelijk allemaal, maar kruip dan maar terug in je eigen hoekje en wees blij als je daar de waarheid nog kunt zeggen! Ja, in de praktijk doen de meeste behoudende collega’s van ds. Klaassen dat, en ik ben blij met iedere predikant die binnen de PKN getrouw het Woord verkondigt. Het betekent echter in feite wel, dat je de kerk als geheel opgeeft. Dat je zegt: ik draag wel dezelfde naam als jullie, maar ik hoor niet bij jullie.

Er is ook nog een ander probleem. Het lijkt heel aardig om verdraagzaam naar elkaar toe te zijn, maar werkt dat? Het blijkt toch op allerlei momenten dat het Breed Moderamen van de synode van de PKN heel wat verdraagzamer is richting progressieve dan richting conservatieve voorgangers.

Uiteindelijk kan een ‘verdraagzame kerk’ slechts één visie echt niet verdragen, en dat is de Bijbelgetrouwe. Enige tijd geleden werd daarover geschreven in Nader Bekeken, een behoudend blad binnen de kring van de GKv. Scherp werd daarin opgemerkt waarom deze visie uiteindelijk het onderspit moet delven. Immers, zij zegt dat er slechts één waarheid is, en dus dat andere visies afwijken van de waarheid. En dat is voor een postmoderne kerk onbestaanbaar. Zo werkt het ook bij Mozaïek. Het lijkt heel fijn, al die meningen en toch bij elkaar. Maar dat kan slechts bij gratie van de postmoderne visie ”Jij vindt dat homoseksuele relaties wel kunnen, ik vind van niet. Oke, jij jouw mening, ik mijn mening.” Je kunt dan dus wel zeggen dat voor jóú die relaties niet goed zijn, maar je kunt niet meer zeggen dat dit voor iederéén geldt. Zodoende is er ruimte voor iedereen, behalve voor diegene die zegt dat de Bijbel niet voor alles en iedereen ruimte laat.

Daarom kan het niet anders dan dat orthodoxe christenen in allerlei kerken duidelijkheid verschaffen. Ze moeten wel, omdat de kerken steeds verdraagzamer worden jegens verkeerde opvattingen en minder verdraagzaam jegens Bijbelgetrouwe christenen (die ‘gewoon’ blijven geloven wat de wereldwijde kerk al eeuwen geloofd heeft).

Bijbelse verdraagzaamheid
Dat betekent niet dat er geen sprake moet zijn van verdraagzaamheid. Want dat is de keerzijde (waar ik het nu niet zo veel over heb), dat er in de kerken ook een traditie is van goedkope onverdraagzaamheid. Niet voor niets roept Paulus in allerlei brieven op tot meer verdraagzaamheid. We kunnen elkaar helaas ook verketteren om een kleinigheid.

Echte verdraagzaamheid betekent niet dat je de waarheid relativeert, maar dat je jezelf relativeert. Niet je standpunt maar je belangrijkheid. Niet het goede van je visie maar het goede van je eigen hart. Verdraagzaamheid gaat samen met ootmoed (Filipp. 2:3). Vanuit de ootmoed ben je ervan overtuigd dat anderen betere inzichten kunnen hebben dan jij. Dan wil je graag van anderen leren. Dan hoop je dat je veel anderen om je heen hebt die verder gevorderd zijn op de Weg dan jij. Dat anderen jou wijzen op je blinde vlekken. Wie zo leeft is blij dat het binnen de kerk niet allemaal koekoek éénzang is.

Vanuit de ootmoed ben je er ook van overtuigd, dat anderen soms wel verkeerde dingen zeggen maar het niet zo bedoelen. Of dat ze het doen vanuit onkunde, gebrek of zonde die je zelf ook kent. Dat besef maakt je reactie mild. De ander kan inderdaad dwalen, maar Jezus is gekomen voor zondaren, en de Heilige Geest wil ‘zonderen onderwijzen in de weg’ (Psalm 25). Gods genade maakt geduldig (1 Tim. 1:16). Maar zoals Gods genade niet ongelimiteerd is, zo geldt dat ook het christelijke geduld. Niet voor ieder ligt de grens op dezelfde plaats, maar er zijn Bijbels gezien ontegenzeglijk grenzen.


Gepubliceerd: 15-04-2022

Gerelateerde artikelen

Commentaar: Wie Christus volgt moet bereid zijn om te lijden

Alleen christenen die bereid zijn om te lijden voor hun overtuiging zullen…

Commentaar: Woordenboek wil Nederland politiek opvoeden

Nederland moet leren denken en spreken in de termen van de genderideologie.…

Commentaar: Vrouwen over het dienen van vrouwen

De synode van de Christelijke Gereformeerde Kerken is in meerderheid blijven staan…

Regenboogindex als afvinklijstje om politieke correctheid te meten

Zaterdag 8 mei 2021 werd de Regenboogindex gepubliceerd. In deze ”Rainbow Index…