De Heidelbergse Catechismus behandelt het zevende gebod kort, kernachtig. Over de rijke inhoud ervan hield ds. T.A. Bakker uit Nieuwe-Tonge recent zes preken. Naar aanleiding daarvan schrijft hij voor het Bijbels Beraad M/V een serie blogs. Deel 4.

Wat is het huwelijk toch een wonderlijk iets. Vooral als je beseft dat wie getrouwd is, getrouwd is na de zondeval. Het begon allemaal zo mooi! God Zelf gaf Adam een prachtige vrouw. Maar de klanken van het lied van Adam zijn nog niet weggestorven, of we horen het sissen van de slang al…

Nou ja, hoeveel tijd er zat tussen de schepping en de zondeval weten we niet. We weten wel dat het snel misging. En dan ook totaal. We verlieten God, de Bron van alle goed. En zo maakten we alles kapot. Ook het huwelijk. Adam en Eva gingen ieder voor zich. Ze probeerden hun eigen hachje te redden. Het prachtige huwelijk: kapot… Die diepe eenheid: vernield…

Niet zo opbeurend, denk je. Klopt. Maar weet je wat ik wel opbeurend vind? Dat God het huwelijk niet van ons heeft afgepakt. Hij had kunnen zeggen: „Als je zo met dit prachtige geschenk omgaat, neem Ik het terug. Dan ga je maar alleen door dit moeilijke leven.” Maar daar is God te genadig voor! Het huwelijk is er nog.

En dat het niet zomaar wat is, blijkt duidelijk uit de Bijbel. Want wat wordt het beeld van het huwelijk ontzettend vaak gebruikt. Door Zijn profeten zegt God tegen Israël: „Ik heb een verbond met u, Ik ben met u getrouwd!” Denk ook aan het Hooglied, dat vol is van de metafoor van het huwelijk. En in het Nieuwe Testament worden de lijnen doorgetrokken en mogen we lezen van het huwelijk tussen Christus en Zijn gemeente. De gelovigen mogen weten: hoe schuldig we ook zijn, Christus is onze Man. Hij heeft ons zó liefgehad dat Hij voor ons stierf. Daarom hebben wij Hem zo lief!

Nou, als God gewild heeft dat het huwelijk hét beeld is voor de relatie tussen Zichzelf en Zijn kerk, dan zegt dat heel veel over de geweldige waarde van het huwelijk! Gaan we zuinig met dit cadeau om? Dat valt nog niet altijd mee, hè? Want juist in het huwelijk ben je enorm jezelf. Je man/vrouw weet het beste je negatieve karaktertrekken. Zij weet hoe het soms gaat: geen hand of vinger uitsteken als je vrouw het vreselijk druk heeft. Liever tijd doorbrengen met je vrienden dan met je vrouw. Hij weet het: dat je klaagt, klaagt, klaagt over je man en hem nooit eens bedankt.

Wees eerlijk, dat moet toch anders?! En dat valt niet mee. Je hebt er dagelijks je handen vol aan om met elkaar om te gaan zoals God het van je vraagt. Om lief te hebben, geduld te oefenen. En als er dan ook nog eens druk op de ketel komt –een kind dat elke nacht ligt te huilen, een puber van wie je grijze haren krijgt, problemen op je werk–, wat is het dan een uitdaging om elkaar vast te houden!

Hoe doe je dat toch? Door een christen te zijn. Door met al je falen en gebreken uit Christus te leven, je te laten voeden door Zijn liefde. Van Hem leer je geduld te oefenen. Hij schenkt je liefde in jouw liefdeloosheid. Kracht in jouw zwakheid. Wie Jezus volgt, kan het kruis in het huwelijk achter Hem aandragen. ”Wie daarentegen het kruis van Christus niet kent, die zal zich gaan ergeren aan de ander en diens zwakheden niet kunnen dragen. Hij zal eeuwig murmureren tegen de ‘velerhande tegenspoed en kruis” (W. Aalders).

Gerelateerde artikelen

Het mooiste liefdeslied – praktische lessen uit Hooglied #5: balsem voor pijn & opvoeden

In het boek Hooglied bezingt Salomo de liefde tot zijn bruid. Op…

Bijbelstudie: De bruiloft te Kana

‘En Jezus was ook genood, en Zijn discipelen, tot de bruiloft’, staat…

Het zevende gebod #1 – Een groot geschenk

De Heidelbergse Catechismus behandelt het zevende gebod kort, kernachtig. Over de rijke…