Leestijd: 3 minuten
Het was dé rel van het afgelopen weekend. Feyenoordaanvoerder Orkun Kökçü weigerde de regenboogband te dragen! Nu eens geen christen die de wind van voren kreeg, maar een moslim. Wat kunnen christenen – ondanks hun moeite met topsport en de islam – leren van deze rel?
Voetbal en ‘regenboog’
Vorige week was het Coming Out Week. Daar werd op allerlei manieren aandacht voor gevraagd, ook binnen de topsport. Alle cornervlaggen en microfoons waren getooid in de regenboogkleuren. Alsof dit nog niet genoeg was, werden alle aanvoerders in de Eredivisie geacht een soortgelijk gekleurde aanvoerdersband te dragen. Feyenoord-aanvoerder Kökçü weigerde dit echter vanwege zijn (islamitische) geloofsovertuiging. De Turk zei in een verklaring: “Ik snap heel goed wat het belang is van deze actie, alleen voel ik mij door mijn geloofsovertuiging niet de aangewezen persoon om dit te supporten. Daarom voel ik me er niet comfortabel bij om deze aanvoerdersband te dragen.” Hij gaf aan voor iedereen respect te willen hebben, maar hoopte dat dit respect er ook was voor zijn door religieuze overtuiging ingegeven keuze. Het ‘probleem’ werd opgelost doordat een andere speler de band wél wilde dragen. Maar daarmee was de kous niet af.
Jan en alleman viel over de beslissing van de Feyenoorder. Feyenoorddirecteur Te Kloese sprak over een “moeilijke situatie voor iedereen binnen de club”. Het COC noemde het ‘onbegrijpelijk’ en sprak zelfs over een “klap in het gezicht voor lhbtiq+-fans en -spelers”. Kökçü wordt, net als Excelsiorspeler El Yaakoubi die ook ervoor koos geen band te dragen, zelfs op het matje geroepen door de Spelersvakbond VVCS. Volgens voorzitter Levchenko “kwetsen ze indirect ook een hele grote groep”. Volgens hem laat dit zien dat er nog “heel veel werk aan de winkel is” en dat we “nog steeds een groot probleem hebben in onze maatschappij”.
Religiestress
Volgens mij brengt het incident rond Kökçü juist een ander groot probleem in de samenleving aan het licht. Velen weten niet meer om te gaan met mensen die uitkomen voor hun religieuze overtuigingen. Zo vond Telegraafjournalist Valentijn Driessen het stuitend dat Kökçü respect vroeg voor zijn religieuze overtuiging. Hoe durft hij?! De moeite zit hem dan niet zozeer in religie als zodanig: dat moet kunnen als je je daar fijn bij voelt. Maar lastig wordt het als je op grond daarvan afstand durft te nemen van opvattingen die in de samenleving inmiddels als heilig gelden (zoals de gedachte: je moet kunnen zijn wie je bent). Dit seculiere credo is inmiddels zo onfeilbaar dat, wie er nog maar naar durft te wijzen, niet alleen als achterlijk beschouwd wordt, maar vooral als buiten de orde staand.
Veel mensen lijken niet (meer) te begrijpen hoe zwaarwegend godsdienst is voor gelovigen, ongeacht welke religie het betreft. Mensen lijken niet te begrijpen dat religieuze overtuigingen ook consequenties hebben voor je staan in de samenleving en de keuzes die je daarin maakt. Religie is voor velen iets voor achter de voordeur. Telkens wanneer er mensen zijn die duidelijk maken dat dit ook betekenis heeft voor buiten de voordeur is er verbazing alom. Zo tolerant zijn degenen die tolerantie preken kennelijk niet. Elseviercommentator Geerten Waling vroeg zich af: “Is er nog ruimte voor onwenselijke ideeën?” De veelgeroemde diversiteit blijkt van een enghartig gehalte; gelovigen (van welke soort dan ook) vallen snel buiten de boot. Kökçü is niet homo- of transfoob, hij deed zelfs de nogal ruimhartige uitspraak dat iedereen “vrij is te doen wat diegene wil of voelt”. Maar nee, dat volstaat niet. Je moet en zult hetzelfde denken als wat de meerderheid vindt over LHBT. Maar waarom zou díe overtuiging zwaarder wegen dan die van een gelovige die moeite heeft hoe de LHBT-lobby deze thematiek benadert?
De veelgeroemde diversiteit en inclusiviteit blijken niet meer dan de kleren van de keizer die geen verhulling kunnen bieden voor het verstikkend dwangmatig eenheidsdenken dat daaronder zit en dat geen raad meer weet met verschil van opvatting. Zonder dat we het doorhebben zijn we onderworpen aan een heropvoedingsprogram zonder weerga. En wee degene die daar niet in meegaat; die is het stoute jongentje van de klas dat even publiekelijk in de hoek gezet moet worden: zijn het niet de Nashvilledominees, dan wel het Gomarus. En deze week Kökçü dus.
Zonder alle verschillen tussen moslims en christenen te verdoezelen, kunnen we voor deze actie respect hebben. Kökçü heeft iets begrepen wat veel christenen vandaag steeds minder lijken te begrijpen: dat principes consequenties hebben. Waar PerspectieF, de jongerenorganisatie van de ChristenUnie, vorige week publiek Coming Outdag omhelsde, met regenboogvlag en al, was er zondag deze moslim die weigerde. Soms sta je dichter bij moslims dan bij geloofsgenoten… Soms zou je bijna zeggen: ‘Liever Turks dan PerspectieF!’
Commentaar: Regenboog en Religiestress
Het was dé rel van het afgelopen weekend. Feyenoordaanvoerder Orkun Kökçü weigerde de regenboogband te dragen! Nu eens geen christen die de wind van voren kreeg, maar een moslim. Wat kunnen christenen – ondanks hun moeite met topsport en de islam – leren van deze rel?
Voetbal en ‘regenboog’
Vorige week was het Coming Out Week. Daar werd op allerlei manieren aandacht voor gevraagd, ook binnen de topsport. Alle cornervlaggen en microfoons waren getooid in de regenboogkleuren. Alsof dit nog niet genoeg was, werden alle aanvoerders in de Eredivisie geacht een soortgelijk gekleurde aanvoerdersband te dragen. Feyenoord-aanvoerder Kökçü weigerde dit echter vanwege zijn (islamitische) geloofsovertuiging. De Turk zei in een verklaring: “Ik snap heel goed wat het belang is van deze actie, alleen voel ik mij door mijn geloofsovertuiging niet de aangewezen persoon om dit te supporten. Daarom voel ik me er niet comfortabel bij om deze aanvoerdersband te dragen.” Hij gaf aan voor iedereen respect te willen hebben, maar hoopte dat dit respect er ook was voor zijn door religieuze overtuiging ingegeven keuze. Het ‘probleem’ werd opgelost doordat een andere speler de band wél wilde dragen. Maar daarmee was de kous niet af.
Jan en alleman viel over de beslissing van de Feyenoorder. Feyenoorddirecteur Te Kloese sprak over een “moeilijke situatie voor iedereen binnen de club”. Het COC noemde het ‘onbegrijpelijk’ en sprak zelfs over een “klap in het gezicht voor lhbtiq+-fans en -spelers”. Kökçü wordt, net als Excelsiorspeler El Yaakoubi die ook ervoor koos geen band te dragen, zelfs op het matje geroepen door de Spelersvakbond VVCS. Volgens voorzitter Levchenko “kwetsen ze indirect ook een hele grote groep”. Volgens hem laat dit zien dat er nog “heel veel werk aan de winkel is” en dat we “nog steeds een groot probleem hebben in onze maatschappij”.
Religiestress
Volgens mij brengt het incident rond Kökçü juist een ander groot probleem in de samenleving aan het licht. Velen weten niet meer om te gaan met mensen die uitkomen voor hun religieuze overtuigingen. Zo vond Telegraafjournalist Valentijn Driessen het stuitend dat Kökçü respect vroeg voor zijn religieuze overtuiging. Hoe durft hij?! De moeite zit hem dan niet zozeer in religie als zodanig: dat moet kunnen als je je daar fijn bij voelt. Maar lastig wordt het als je op grond daarvan afstand durft te nemen van opvattingen die in de samenleving inmiddels als heilig gelden (zoals de gedachte: je moet kunnen zijn wie je bent). Dit seculiere credo is inmiddels zo onfeilbaar dat, wie er nog maar naar durft te wijzen, niet alleen als achterlijk beschouwd wordt, maar vooral als buiten de orde staand.
Veel mensen lijken niet (meer) te begrijpen hoe zwaarwegend godsdienst is voor gelovigen, ongeacht welke religie het betreft. Mensen lijken niet te begrijpen dat religieuze overtuigingen ook consequenties hebben voor je staan in de samenleving en de keuzes die je daarin maakt. Religie is voor velen iets voor achter de voordeur. Telkens wanneer er mensen zijn die duidelijk maken dat dit ook betekenis heeft voor buiten de voordeur is er verbazing alom. Zo tolerant zijn degenen die tolerantie preken kennelijk niet. Elseviercommentator Geerten Waling vroeg zich af: “Is er nog ruimte voor onwenselijke ideeën?” De veelgeroemde diversiteit blijkt van een enghartig gehalte; gelovigen (van welke soort dan ook) vallen snel buiten de boot. Kökçü is niet homo- of transfoob, hij deed zelfs de nogal ruimhartige uitspraak dat iedereen “vrij is te doen wat diegene wil of voelt”. Maar nee, dat volstaat niet. Je moet en zult hetzelfde denken als wat de meerderheid vindt over LHBT. Maar waarom zou díe overtuiging zwaarder wegen dan die van een gelovige die moeite heeft hoe de LHBT-lobby deze thematiek benadert?
De veelgeroemde diversiteit en inclusiviteit blijken niet meer dan de kleren van de keizer die geen verhulling kunnen bieden voor het verstikkend dwangmatig eenheidsdenken dat daaronder zit en dat geen raad meer weet met verschil van opvatting. Zonder dat we het doorhebben zijn we onderworpen aan een heropvoedingsprogram zonder weerga. En wee degene die daar niet in meegaat; die is het stoute jongentje van de klas dat even publiekelijk in de hoek gezet moet worden: zijn het niet de Nashvilledominees, dan wel het Gomarus. En deze week Kökçü dus.
Zonder alle verschillen tussen moslims en christenen te verdoezelen, kunnen we voor deze actie respect hebben. Kökçü heeft iets begrepen wat veel christenen vandaag steeds minder lijken te begrijpen: dat principes consequenties hebben. Waar PerspectieF, de jongerenorganisatie van de ChristenUnie, vorige week publiek Coming Outdag omhelsde, met regenboogvlag en al, was er zondag deze moslim die weigerde. Soms sta je dichter bij moslims dan bij geloofsgenoten… Soms zou je bijna zeggen: ‘Liever Turks dan PerspectieF!’
dr. M. Klaassen
Ook interessant
Een beknopte geschiedenis van de filosofie (van oud tot modern)
Kan christen- en LHBTQ-er zijn samengaan? Deel 2 beschrijft de belangrijkste filosofen en hun gedachten over ‘ware kennis’.
Hoe kerken buigen voor ‘inclusief denken’
Kerken en voorgangers stappen zelden in één keer over naar een inclusieve visie. Volgens Kevin DeYoung doorlopen ze een aantal stappen voordat
Räsänen: Durf je geloofsovertuiging over seksuele ethiek uit te spreken!
Het Finse parlementslid en oud-minister van binnenlandse zaken Päivi Maria Räsänen vindt dat christenen niet angstig in hun schulp moeten kruipen, maar
Beantwoording vragen appelavond
Tijdens de appelavond in Veenendaal (3 apr. 2024) konden niet alle vragen beantwoord worden. Op onderstaande vragen hebben we schriftelijk een antwoord
Geachte Valse Leraar: de puritein Thomas Brooks wil een hartig woordje met u spreken
Beste valse leraar. Met mooie woorden over LHBT’ers hebt u Wet en Evangelie krachteloos gemaakt. Thomas Brooks wil u hierover ernstig vermanen.
Reageer op Europese LHBT-strategie 2026-2030
Alleen in de achterbuurt
Appelavond Groningen, 22 april 2025
Regeren is niet Gods primaire roeping voor de vrouw
Duits jeugdmagazine promoot gebuik transhormonen.
Populaire artikelen
Wekelijkse nieuwsbrief ontvangen?
Bijeenkomsten
4 mei 2025 / 4 mei 2025
12 mei 2025 / 18 mei 2025
14 mei 2025 / 14 mei 2025
4 juni 2025 / 4 juni 2025
20 juni 2025 / 20 juni 2025