Janneke* is 53 jaar en meer dan 30 jaar getrouwd. Ze heeft met haar man 4 kinderen, en werkte jarenlang in de zorg voor jongeren en kleine kinderen. Haar man is ouderling in hun gemeente. In dit interview vertelt ze openhartig over de strijd die ze ervaart rondom de pornoverslaving van haar man.
Uw man heeft een pornoverslaving gehad, hoe kwam dit ter sprake in jullie huwelijk?
Het begon eigenlijk al voor ons huwelijk in zijn ouderlijk gezin. Toen ik merkte dat hij porno keek, heb ik hem er wel eens op aangesproken, maar hij wuifde het weg met ”het is normaal” en ”alle jongens doen dat”. Toen we trouwden kwam er een rustiger periode, ik werd zwanger en we kregen een kindje. Toch hing het altijd als een donkere wolk boven ons huwelijk.Het kwam dus niet echt op een bepaald moment openbaar. Ik wist al dat het een probleem voor hem was. Alleen wist ik niet hoe groot het daadwerkelijk was. Ik had toen ook nog nooit van pornoverslaving gehoord.
Konden jullie er open over spreken met elkaar?
Ik heb denk ik zo’n 30 jaar lang gevraagd, gesmeekt, gehuild, ruzie gemaakt en alles gedaan wat in mijn vermogen lag. Voor mijn gevoel dan. Achteraf bleek dat trouwens niet de goede manier te zijn. Maar hij bagatelliseerde het probleem of loog erover. Of hij zei dat ik het verkeerd zag, en legde de schuld bij mij. “Ik had een probleem, moest niet moeilijk doen en ik zag het te donker in”, verweet hij me dan. Dan liet ik het weer een tijdje rusten, maar je voelt dat je niet verder komt.
Een aantal jaar geleden kwam het weer in alle hevigheid terug en toen ben ik steeds zijn computer gaan controleren. Toen kwam ik ook op het punt dat ik dacht: ‘dit is niet meer te doen, ik kan hier niet mee verder leven.’ ‘Het lag niet aan mij en het had niks met mij te maken, maar hij had het zelf wel nodig’, zei hij.
Vorig jaar juni is het echt geëscaleerd. Ik heb het toen aan mijn zus verteld, en zei tegen mijn man: “Als je nu niet het probleem gaat aanpakken, dan is het voor mij klaar. Ik kan niet meer. Ik ben helemaal op, ben depressief en labiel.” Hij schrok er heel erg van dat ik het verteld had. Toen zijn we beiden apart in therapie gegaan. Ik voor mijn verwerking en hij voor zijn verslaving. We zijn nog steeds in (relatie)therapie en hebben lotgenotencontact.
Wanneer kwam je er echt achter dat het een probleem was?
Dat is lastig aan te geven. Ik wist al die tijd al dat het probleem er was, het was ook steeds op de achtergrond aanwezig. Vorig jaar juni was voor mij echt de grens. Al die tijd ervoor gaf hij niet toe dat het een verslaving was, dat doet een verslaafde nooit. In mijn ogen was het al die tijd al een verslaving, maar dat vindt hij niet. Als ik iets op zijn computer vond, zei hij bijvoorbeeld: ‘dat heeft een collega van me erop gezet’. En dat geloof de je dan. Ik zie het echt als genade dat God ingegrepen heeft en dat hij heeft ingezien dat het echt een verslaving is, waar hij aan moest gaan werken.
Hoe ging u om met gevoelens van schaamte, en misschien zelfs schuld?
Schaamte had ik wel naar de buitenwereld. Dat was ook de reden dat ik het 33 jaar met niemand gedeeld heb. Nu zeggen mensen weleens: ‘Waarom heb je nooit iets gezegd?’. Maar het was toch iets wat privé was, en het voelde als verraad naar hem om het te delen. Ik heb mezelf helemaal op de kinderen gestort, hen al mijn liefde gegeven. Ik gaf me ook helemaal aan mijn werk en aan de mensen om me heen. Zijn verslaving nam ik op de koop toe, steeds met de gedachte: ‘laten we er maar het beste van maken’.
Mijn therapeut gaf aan dat ik zijn verslaving in stand heb gehouden door me grenzeloos op te stellen, en geen duidelijke grenzen te stellen. Daar voel ik me wel schuldig over. Ik had eerder op mijn strepen moeten staan.
Er was eens iemand die me vroeg: “Hoe zou je het in 1 woord omschrijven, al die jaren dat je hiermee worstelde?’’. Ik zei: “EENZAAM, met hoofdletters”.
Wat betekende trouw blijven in deze periode voor u?
Eerlijk gezegd ben ik ook weleens verliefd geworden op andere mannen. Ik dacht dan: “zij hebben iets, wat ik bij mijn man mis.” Je bent op zoek naar geborgenheid, dat je gezien wordt, complimenten krijgt, en dat miste ik. Ik wist natuurlijk dat dit helemaal niet kan, maar ik fantaseerde er wel over.
Het is voor mij in ieder geval nooit een optie geweest om te gaan scheiden. Ik heb weleens gehoopt dat ik maar vroeg weggenomen zou worden, omdat ik dit kruis te zwaar vond. Daar voelde ik me dan tegelijkertijd heel zondig en schuldig over.
Kunt u iets vertellen over het proces van herstel en vergeving?
Dat laatste is nog niet aan de orde. We hebben er wel over gesproken, maar zijn therapeut heeft aangegeven dat het nog veel te vroeg is om aan mij vergeving te vragen. We zitten er namelijk nog middenin. We zijn nu met herstel bezig, mijn man om uit de greep van de porno los te komen en ik om het te verwerken. Soms ben ik er wel klaar mee. Dan heb ik echt geen zin meer in therapieën, gesprekken etc. Maar dat kan nog niet, er moet heel veel opgeruimd worden. Ik denk dat ik hem voor mezelf wel vergeven heb, anders zou ik hier nu niet kunnen zijn. Maar ik denk dat hij er nog niet aan toe is om erover te spreken, omdat hij nog herstellende is en er nog echt in zit.
Is het een stukje herstel dat hij op een bepaald moment zelf vergeving vraagt?
Ja zeker. Het laatste jaar zijn we al een stuk dichter bij elkaar gekomen, doordat hij nu meer emoties uit. Bij mij kwamen er ontzettend veel vragen boven waar ik antwoord op wilde. ‘Hoe komt het, en wanneer, en wat keek je dan, etc.’ Tegelijkertijd ben je bang voor de antwoorden, en wil je die niet weten. Een paar weken geleden zei hij ineens: ‘die vrouw die triggert me, daar moet ik bij uit de buurt blijven.’ Ik was verbaasd, want dat heeft hij nog nooit gezegd. Hij zei: “Ik voel dat ik door haar in de verleiding kom, niet om wat met haar te beginnen, maar wel om dan weer iets te gaan kijken”. Dat was echt een hele grote stap.
Wat deed de verslaving met jullie huwelijk?
Ik heb niet echt vergelijkingsmateriaal, maar het was geen gelijkwaardig huwelijk. Iemand met een verslaving gaat door en ziet niet wat voor schade hij aanricht bij de ander. Ik heb me onzichtbaar gemaakt. Zodra er iets opspeelde zei ik er wel wat van, maar de laatste jaren dacht ik vaak: ‘laat maar’. Als ik naar anderen keek, zag ik wat ik miste: veiligheid, geborgenheid. En ik was eenzaam.
Kon u uw man op een goede manier bijstaan in zijn strijd met zijn verslaving?
Nee, in het begin deed ik dat niet op een goede manier. Nu gaat dat beter, we doen het nu samen.
Al blijft het wel zijn ‘tuin’; het is niet mijn ‘probleem’.
Ik ging eens met een vriendin een nachtje weg. Toen ik terug kwam was ik niet te genieten, heel boos en snauwerig. Maar eigenlijk was ik heel bang voor wat ik tegen ging komen, dus ging ik controleren, snauwen etc. In zijn ogen was dit natuurlijk heel onredelijk, want hij deed heel erg zijn best. Het kwam echter bij mij uit pure angst. Wat ik dan hoopte was dat hij tijdens een belmomentje ’s avonds even zei: “het gaat goed hier hoor, ik heb er geen neiging toe”. Dat soort dingen zei hij niet, waardoor ik me niet gezien voelde in mijn angst. Ik moet ook leren om me meer zichtbaar te maken en te zeggen hoe ik me voel. Dit heb ik jaren niet gedaan. Dan had ik geen energie om ertegenin te gaan en zweeg dan maar.
Nu hij zijn emoties begint te tonen, en vertelt wat er in hem omgaat, kan ik eindelijk bij hem komen, en hem ook beter bijstaan. Andersom is dat ook zo. Heel mooi om te merken!
Wanneer kwam dat kantelpunt?
Dat was vorig jaar, toen heb ik aangegeven dat ik het niet meer trok en zo niet verder wilde. Daar schrok hij heel erg van. Ook vertelde ik hem toen wat de porno industrie inhoudt en dat die vrouwen uitgebuit worden. Dat het een afschuwelijke industrie is waar bakken met geld in worden verdiend. Hij zei toen: “Sjonge, daar schrik ik erg van, van het uitbuiten van die vrouwen. Dat is toch erg”. Toen ben ik heel boos op hem geworden, want ik dacht: ‘ja, en ik dan? Aan hen denk je wel, maar aan mijn gevoelens ga je totaal voorbij?’.
Nu kan ik dat beter aangeven. Ik ben altijd te veel weggedoken. Wat ik moet zeggen is: ’ik ben bang, ik zie dit niet zitten, ik wil dit niet.’ Al die tijd heb ik me onzichtbaar gemaakt, en daardoor kon dit ook gewoon doorgaan. Maar toen ik zei: ‘dit wil ik niet meer, ik stop ermee, je moet er iets aan doen’, toen drong het tot hem door dat het echt niet langer door kon zo. Tegenover God kon het ook niet langer. Hij vroeg wel telkens vergeving, maar ging er ondertussen wel mee door. Op een gegeven moment vervreemd je van God. Dat voelde en merkte ik ook.
Welke rol speelde jullie geloof in de periode dat u ontdekte wat er speelde?
Zo’n 20 jaar geleden zijn wij beiden tot geloof gekomen. Ik weet zeker dat het toen totaal niet speelde. We waren toen zo gelukkig. Maar toen het met zijn werk wat minder ging, en hij last kreeg van faalangst en bang was dat hij niet goed genoeg was, is dat toch weer boven gekomen.
Maar ik merk nu dat we met elkaar, maar ook met z’n drieën verder gaan: samen met God.
Zo zijn we niet het huwelijk in gegaan. Toen was er al veel schade aangericht door wat ik bij hem zag en meemaakte wat er bij hem thuis al speelde.
Hadden jullie een netwerk waar jullie eventueel terecht konden?
Voordat het in de openbaarheid kwam heb ik het nooit met iemand gedeeld. Daardoor had ik ook geen netwerk waar ik terecht kon. Het is ook niet iets waar je makkelijk over praat.
Toen het meer in openbaarheid kwam had ik wel mijn zus en mijn beste vriendin waar ik mee kon praten. Mijn vriendin was niet getrouwd, dus dat was wel lastig. Ze begreep me niet écht. Mijn man werd er ook boos over, want hij vond dat ze er niets mee te maken had. Het meest blij was ik dat de therapie bij Kostbaar vaatwerk gelijk gestart kon worden. Vaak heb je maanden wachttijd, maar we konden vrij snel starten.
Als vrouw heb je, als er dan echt bevestiging komt, zoveel vragen en weet niet goed waar je naartoe moet. Een poosje geleden hadden we een echtparenweekend. Daar zei een man tegen mijn man: “Doordat jij niet wilt dat zij haar verhaal deelt, houd je haar nog steeds in isolatie en daardoor kan zij nog steeds geen vaste grond krijgen. Jij geeft haar niet het recht en de ruimte om haar verhaal te delen en om haar pijn te laten zien aan een ander.” Dat vond hij heel heftig, maar ik was erg blij dat iemand dat tegen hem zei. We hebben het toen ook met de kinderen gedeeld. Dat was best heftig, maar ook fijn. Als ik ze nu spreek hoef ik niet van alles te bedenken waarom wij een weekend weg zijn bijvoorbeeld.
Wat maakte bepaalde hulp waardevol, of juist niet?
Spreken met vrienden die het bagatelliseren of het wegwuiven, dat is echt niet helpend. Dan voel ik me een zeur, en denk tegelijkertijd: ‘jullie zien niet wat het aangericht heeft en wat een schade het doet.’ De therapie is wel erg waardevol. Ook het echtparenweekend was heel fijn. Het was bijna gelijk alsof je elkaar al jaren kent. Je hoeft je daar niet beter voor te doen als je bent, want je zit allemaal in hetzelfde schuitje en begrijpt elkaar.
Weten jullie wat de oorzaak van de verslaving is, en is dit belangrijk voor herstel?
Bij mijn man komt de verslaving echt vanuit zijn jeugd. Hij heeft geen goede vaderfiguur gehad en emoties tonen kenden ze niet in hun gezin. Zijn vader was erg dominant, er was geen ruimte voor emoties, niet je eigen ik mogen ontwikkelen, er werd nooit gevraagd wat je nu zelf echt wilde, en hij is daardoor in een soort faalangst terecht gekomen.
Het is erg belangrijk om de oorzaak te kennen. Als de wortel van het probleem niet gevonden wordt is herstel niet mogelijk.
Denken jullie dat 100 procent herstel mogelijk is?
Met Gods hulp geloof ik dat vast. Er moet nog veel vertrouwen groeien, maar ik denk dat dat er zeker kan komen. Het blijft voor alle mannen, maar zeker voor deze mannen, altijd een worsteling. Het is echt de strijd van de duivel; daar ben ik van overtuigd. Hij wil mensen en huwelijken kapot maken.
In Job 31 staat: “Ik heb een verbond gesloten met mijn ogen”. Dat heeft hij ook uitgesproken naar mij. Als we ergens uit eten zijn bijvoorbeeld, dan zie ik hem zijn ogen afwenden als dat nodig is. Dan zie ik dat hij echt zijn best doet.
Hoe gaan jullie om met terugvallen of angst daarvoor?
Dat is echt een lastige vraag. Momenteel heb ik het nog niet gemerkt, maar hij heeft een filter op zijn telefoon. Als hij iets kijkt wat niet de bedoeling is, krijgt een buddy van hem een melding. Diegene krijgt ook een wekelijks overzicht van wat hij heeft gekeken op internet. Momenteel vertrouw ik vooral op het systeem. Ik weet dat hij dat filter op zijn telefoon heeft, en daardoor heb ik er vertrouwen in. Als hij dat niet had, zou het voor mij echt een stuk moeilijker zijn om hem te vertrouwen. De vertrouwensband is echt geschaad. Dit heeft tijd nodig. Laatst las ik dat voor ieder jaar een maand genezing staat. Dus reken maar uit..
Hoe gingen jullie om met vragen van de kinderen of merkten zij niets?
Nee, zij hebben nooit iets gemerkt. Toen we het onlangs met hen deelden zeiden ze dat ze het nooit verwacht hadden van hun vader. Ze begrepen ook niet goed waarom we het met hen deelden.
Daarop zei mijn man: “mamma heeft er veel last van, dus die vind het fijn als jullie ervan weten, zodat ze er ook met jullie over kan praten.” Nadat ik verteld heb wat het mij gedaan heeft in ons huwelijk en hoe depressief ik bij tijden was merkten ze pas hoeveel schade het heeft aangericht. Er kwamen toen ook wel mooie gesprekken uit voort.
Hebben jullie nog voorzorgsmaatregelen genomen voor je eigen kinderen op dit gebied?
We waren vrij strikt met het gebruik van mobiele telefoons. Onder de 18 bleven die altijd ‘s nachts beneden, om maar iets te noemen. Maar toen onze kinderen jong waren was het met telefoons nog niet zo erg als nu. Zoals ik er nu in sta zou ik dat zeker weer doen. We hebben er bij seksuele voorlichting nooit over nagedacht om uitleg te geven over pornografie of verslaving daaraan. Hoewel vrouwen ook verslaafd kunnen zijn, heb ik er toch nooit over nagedacht om dat uit te leggen of het daarover te hebben.
Hoe vind je man het dat je hier over spreekt?
Hij zei laatst: ”Ik vind het prima dat je er met anderen over praat, want het moet aan het licht komen. Er zijn veel vrouwen die hiermee worstelen en er moet meer over gesproken worden.” Dit interview vond hij ook prima, maar wel anoniem. Dat vind ik zelf ook prettiger. Ik vind ook niet dat het echt aan de grote klok gehangen hoeft te worden. Wel sta ik er zeker voor open, als er vrouwen zijn die hier ook mee worstelen, om het gesprek aan te gaan.
Hoe denken jullie over openbare schuldbelijdenis?
Ik zou eerder kiezen voor het geven van een getuigenis dan voor een openbare schuldbelijdenis. Over deze vraag is nooit met de kerkenraad gesproken. Onze predikant is wel op de hoogte. Ik denk niet dat het andere mensen verder zou helpen als hij schuldbelijdenis zou doen. Er zit een wereld van verslaving achter. Wat voor signaal geef je dan af? Er staat in de catechismus dat wie roddelt de toorn van God op zich laadt. Ik heb het gevoel dat het 7de gebod altijd extra uitgelicht word, maar de andere zonden zijn niet minder groot.
Wat ik wel heb gehoord is dat mensen weleens een nieuwe trouwbelofte hebben gedaan bij de kerkenraad. Daar zou ik – denk ik – wel blij mee zijn als dat ooit een mogelijkheid is. Een moment samen met God, om zo een nieuw begin te maken. Maar dat hoeft dan niet voor de hele gemeente. Het lijkt me wel waardevol om onze ervaring te delen tijdens een gemeenteavond.
Wat wil je andere vrouwen/echtparen in jouw situatie nog meegeven?
Praat erover met anderen. Neem iemand in vertrouwen en vecht voor je huwelijk! De helft van de huwelijken strandt, maar er is echt herstel mogelijk bij God vandaan. Hoe moeilijk het soms ook lijkt, bij God zijn alle dingen mogelijk! Mijn zonden liggen misschien op een ander vlak, maar als Christus mijn zonden kan vergeven, wie ben ik dan om niet de zonden van mijn man te vergeven? Maar het is wel echt knieënwerk. Samen bidden, jezelf kwetsbaar opstellen, elkaar vragen ‘hoe gaat het nu écht met je?’.
*De naam van Janneke is gefingeerd, haar echte naam en contactgegevens zijn bij de redactie bekend. Wil(t) u/je haar graag spreken omdat u/je in hetzelfde schuitje zit? Ze wil u/jou graag te woord staan, mail de redactie gerust voor haar contactgegevens.












