De Heidelbergse Catechismus behandelt het zevende gebod kort, kernachtig. Over de rijke inhoud ervan hield ds. T.A. Bakker uit Nieuwe-Tonge recent zes preken. Naar aanleiding daarvan schrijft hij voor het Bijbels Beraad M/V een serie blogs. Deel 8.

Ze worden nogal eens vergeten. Alleenstaanden, bedoel ik. Of, zo u wilt: singles. Vaak hebben we het over het huwelijk, maar veel mensen zijn niet getrouwd. Hoe ze dat ervaren? Nou, ik denk heel verschillend. Zoals getrouwden het huwelijk heel verschillend ervaren (geweldig zwaar of een geweldige zegen), ervaren ongetrouwden het alleen-zijn ook heel verschillend.

Veel vrouwen en mannen zien er enorm naar uit om hun leven met iemand te kunnen delen. Je hoopte misschien dat je op je twintigste al getrouwd was! En nu ben je dertig, en het is nog niet gebeurd… Je kunt het gevoel hebben niet interessant te zijn voor mannen. Je kunt onzeker worden over je uiterlijk, je karakter, je kwaliteiten en moedeloos worden: ik zal wel niet aantrekkelijk zijn. Je verlangt ernaar dat er iemand is die heel veel om je geeft. Dat je ook een team bent met iemand! En jij hebt ook je gevoelens, je seksuele gevoelens…

Toch zijn er ook ongetrouwde mensen die het goed vinden zo. Maar die groep parkeer ik even. (Lees daarvoor blog #9.) Want als ik een inschatting mag maken, dan denk ik dat het single-zijn relatief meer als een gemis dan als een geschenkwordt gezien. En dat komt mede door de kerk. Ja, echt. Hoe praten we eigenlijk over ongetrouwden? Zijn het zielige mensen? Als je 25 bent, word je scheef aangekeken omdat je nog geen verkering hebt. Ouders staan angsten uit of hun zoon of dochter toch niet ‘over zal schieten’. Waar gáát dat eigenlijk over?!

Nou, dan moeten we terug naar de geschiedenis van de kerk. In de begintijd van de kerkgeschiedenis dacht de kerk niet positief over seksualiteit. Bij iemand als de kerkvader Augustinus was seksualiteit uiteindelijk toch iets negatiefs, iets zondigs. Als je het zo ziet, is het natuurlijk beter om niet getrouwd te zijn. En zo werd het celibaat langzaam maar zeker de norm voor geestelijken. Ze moesten beloven niet te trouwen, want het is geestelijker als je niet trouwt – oftewel, niks doet met seksualiteit. Nee, zo denken wij totaal niet meer!

Dat komt weer door de Reformatie. Luther rekende af met het celibaat. Hij raakte ervan overtuigd dat je die gelofte om alleen te blijven mocht verbreken, omdat het tegen de Schrift was. Er kwam alleen maar ellende van, vond hij, want je hebt toch je seksuele gevoelens, en hoe vaak gebeurt het niet dat juist (ongehuwde) geestelijken vreselijk zondigen op seksueel gebied! Dat ze stiekem allerlei relaties aangaan, waardoor er buitenechtelijke kinderen geboren worden. Hij zei: je kunt God evengoed dienen als je getrouwd bent. En zo trouwde hij in 1525 met Katharina von Bora, een non. Dat had een geweldige impact! Duizenden geestelijken volgden.

En terwijl huwelijk en seksualiteit eerst helemaal niet als positief werden gezien, sloeg de pendel nu door naar de andere kant. Sinds Luther zeggen we niet langer tegen elkaar: „Het is goed om alleen te blijven”, maar juist: „Het is goed om te trouwen! Het huwelijk is een geschenk, maak er gebruik van!” Tja, dan ga je als vanzelf denken: wie niet getrouwd is, mist wat. Single-zijn is een gemis. Daar komt voor ons ook nog eens bij dat seksualiteit het één en al is in onze cultuur… Heb je nooit seks? Dan ben je een betreurenswaardig mens. En in de christelijke wereld hoort bij een burgerlijk leventje zeker een man of vrouw.

Inderdaad, de kerk is medeplichtig aan het intense gemis van singles. We hebben het jullie moeilijk gemaakt! Het moet écht anders.

Gerelateerde artikelen

Actuele adviezen van 400 jaar geleden

Seksuele verlangens zijn niet van vandaag of gisteren. De strijd daartegen ook…

Het zevende gebod #9 – Single zijn: een geschenk!

De Heidelbergse Catechismus behandelt het zevende gebod kort, kernachtig. Over de rijke…

Luister: lezing prof. dr. Van Vlastuin tijdens besloten studiedag

„De boodschap van Gods huwelijksrelatie met mensen”, zo zou je de Bijbelse…