Zonder Gods genade is een mens een bloeddorstig en gewelddadig wezen. Met die gedachte bleef ik achter nadat ik in korte tijd het hele Bijbelboek Richteren las ter voorbereiding op een studiedag. Gods algemene genade houdt soms de gevolgen van de zonde in toom, maar een mens die aan zichzelf overgeleverd is, gaat meestal van kwaad tot erger.
Het boek Richteren beschrijft hoe het volk Israël, in plaats van de Kanaänieten uit het land te verdrijven vanwege hun afgodendienst, steeds meer op hen gaat lijken. Het land kotste de Kanaänieten uit om hun afgodendienst en perverse seksuele handelingen (Lev. 18:24-25), maar we zien de Israëlieten afglijden naar dezelfde gruwelen. Waar het in Genesis 19 gaat over de mannen van Sodom, gaat het in Richteren 19 over mannen uit Israël die beestachtig gedrag vertonen.
Ik kreeg er bij het lezen buikpijn van. Zó duister. Ik dacht eerst: wat waren ze in die tijd toch een stel barbaren. Is het echter niet zo dat de kranten en het internet vol staan met vergelijkbare verhalen? Hoeveel mensen die terugdeinzen voor zoveel seksueel geweld op papier, kijken er wel naar op hun scherm? Het hartverscheurende lot van de bijvrouw van de Leviet in Richteren 19 is tegenwoordig een zoekterm op menig pornosite.
Wat me ook opviel bij het lezen van Richteren, is dat de Israëlieten zich niet eens volledig afgekeerd hadden van de Heere. Syncretisme, het vermengen van de dienst aan de Heere met de dienst aan andere goden, is genoeg voor een mens om zich over te geven aan zijn meest primitieve impulsen.
Het refrein dat aan het einde van het boek herhaald wordt, is dat er geen koning in Israël was en dat eenieder deed wat goed was in zijn eigen ogen. Er was geen koning in Israël: God werd niet als Koning erkend en ook een aardse monarch die het volk in de dienst van de Heere kon leiden, ontbrak. Het resultaat was chaos en geweld.
Dit patroon zien we nog steeds. Pervers gedrag komt voort uit het verdringen van de kennis van God en uit het toegeven aan de neiging om te doen waar je zelf zin in hebt. Soms is een uiting van de toorn van God dat Hij ons overgeeft aan onszelf (vergelijk Richteren 2:20-23 met Romeinen 1:21-24). Verdwijnt de dienst aan God uit een samenleving, dan verdwijnt ook de veiligheid, vooral voor de zwakkeren.
Zonder Gods genade is de mens een bloeddorstig en gewelddadig wezen. Maar er is genade. God gaf een Koning, de Heere Jezus. Wanneer Hij ons alles is, en Hij Zijn koningschap in ons leven niet hoeft te delen, dan is er redding, vergeving en zegen, alsook zachtmoedigheid en zelfbeheersing, liefde en vriendelijkheid. Zijn genade verandert gewelddadige wezens in de zachtmoedigen der aarde (Mattheüs 5:5).