Door Jürgen Howaldt – zelf gefotografeerd, CC BY-SA 2.0 de, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=1402476

In een kanselboodschap en per brief heeft de kerkenraad van de Sint-Martinigemeente te Bremen op 20 december de schuldigverklaring van haar predikant ds. O. Latzel scherp veroordeeld. De brief is door het Bijbels Beraad M/V vertaald.


Geliefde St.-Martini-gemeente,

In haar vergadering op 10 december heeft de kerkelijke commissie van de Bremer Evangelische Kerk het besluit genomen dominee Latzel voorlopig uit zijn dienst te ontslaan. Een van de aangevoerde argumenten voor dat besluit is, dat hij met zijn uitspraken over het Bijbels verstaan van gepraktiseerde homoseksualiteit de kerk schade zou hebben berokkend.

Een hoorzitting van de dominee tot dit besluit vond op woensdag 16 december plaats. Tot dit tijdstip werd ds. Latzel een overeenkomst voorgelegd, waarmee hij toestemming tot een directe ontheffing van zijn dienst zou moeten geven. De vertegenwoordigers van de kerkelijke commissie die aan de zitting deelnamen –mevrouw Bosse, meneer dr. Kuschnerus en meneer dr. Noltenius– stelden onze predikant voor de keuze de overeenkomst te ondertekenen, waarmee hij uit zijn dienst zou zijn ontheven, of het voorlopige ontslag uit zijn dienst door de kerkelijke commissie te aanvaarden.

Bij beide mogelijkheden zou een voortzetting van de dienst uitgesloten geweest zijn, en mocht hij ook niet preken, geen Bijbellezingen of catechisatie geven, of pastoraat verlenen. Voor deze onmogelijke keuze gesteld, besloot ds. Latzel nu niet ook nog zijn schriftelijke goedkeuring tot voorlopige dienstontheffing te geven. Daarop werd de tegen hem uitgevaardigde voorlopige schorsing van zijn dienst in werking gezet. Dat betekent dat ds. Latzel door de landskerk voorlopig uit zijn dienst ontheven is. Een vanuit onze optiek ongehoorde gebeurtenis.

Door de voorlopige schorsing heeft men ds. Latzel alle activiteiten voor zijn St. Martini-gemeente verboden. Hij mag binnen noch buiten de St.Martini preken, geen preken op internet houden, geen evangelisatie verrichten. Het is hem bovendien verboden oude of zieke gemeenteleden te bezoeken en hen bij te staan; hij mag de catechese niet meer voortzetten, geen stervenden begeleiden, geen begrafenissen verzorgen, geen bestuurlijke activiteiten op de achtergrond verrichten en veel meer wat hij normaal als herder van onze gemeente doet. Dit geldt ook als hij er door de betrokkenen uitdrukkelijk om verzocht wordt.

Het staat echter ieder gemeentelid vrij bij de kerkelijk commissie een uitzondering op bovenstaande regel aan te vragen.

De vertegenwoordigers van de kerkelijke commissie waren niet bereid de dominee ook maar een van deze werkterreinen over te laten, hoewel het kerkrecht in deze mogelijkheid uitdrukkelijk voorziet. Om die reden hebben wij geen begrip voor deze onbarmhartige en onverbiddelijke houding van de kerkelijke commissie tegenover onze gemeenteleden. We zien daarin een doelgerichte aanval op onze gemeente en onze dominee. Een aanval die niets anders bedoelt dan de St. Martini-gemeente kapot te maken.

We protesteren ten zeerste tegen deze voorlopige schorsing van onze dominee. We zullen morgen het protest van de gemeente tegen deze maatregelen indienen.

We hebben ons als kerkenraad –op de uitdrukkelijke wens van onze dominee– in de laatste weken en maanden met openbare uitingen bijzonder terughoudend opgesteld, hoewel er talrijke aanleidingen waren, waarbij de kerkenraad heel scherp zou hebben willen protesteren.

We verwijzen hier slechts naar de uitingen van de presidente van de kerkelijke commissie, mevrouw Bosse, in haar Pinkstervideoboodschap of naar haar uitingen van afkeer van het traditionele Bijbelse gezinsbeeld van vader, moeder en kind in haar welkomstwoord naar aanleiding van een ”openingskerkdienst” bij de dit jaar gehouden Christopher Street Day in augustus in Bremen.

Verder hebben we zwijgend verdragen dat de secretaris van de BEK, ds. dr. Kuschnerus, in zijn openbare boodschap ter gelegenheid van de Hervormingsdag 2020 zich er principieel tegen uitsprak morele normen uit de ordeningen van God of uit de Bijbel te herleiden. Dit is een gebodsfundamentalisme, aldus zijn woorden. Veelmeer zijn mensen vrij, „…zelf te beoordelen en met elkaar af te spreken, wat in de zin van de liefde steeds het juiste is.”

Een in onze optiek onvoorstelbare gebeurtenis, die niet slechts de kern van het christendom ter discussie stelt, maar zich ook direct richt tegen ons gepraktiseerd geloof in de St. Martini-gemeente. We zien ons hierin noch door dr. Kuschnerus als secretaris, noch door mevrouw Bosse als presidente van de kerkelijk commissie in het openbaar vertegenwoordigd.

Nu echter vragen wij:
Wie brengt de kerk schade toe: hij, die Bijbelgetrouw preekt, of zij, die zich eenduidig van Bijbelse grondslagen distantiëren? Hoe kan het gebeuren, dat een Bijbelgetrouwe dominee door de kerk tot zwijgen gebracht wordt, terwijl de hoogste vertegenwoordigers van de BEK openlijk ideologieën mogen verbreiden, die ondubbelzinnig tegen de Bijbel en tegen alle belijdenissen van de Reformatie gericht zijn?

We vragen de kerkelijke commissie concreet: heeft de op Bijbelse gronden gebaseerde afwijzing van gepraktiseerde homoseksualiteit –niet de afwijzing van de homoseksuele geaardheid van mensen(!)– een plaats in het geloofsleven van de BEK of niet?

Bij interne gesprekken met de kerkvoogden van de gemeente, maar ook met de vertegenwoordigers van de Arbeitskreis Missionarische Kirche (AMK) in Bremen wordt dit door de vertegenwoordigers van de kerkelijke commissie steeds weer als vanzelfsprekend voorgesteld. In de openbaarheid is hiervan echter niets te horen, juist het tegendeel: de indruk wordt gewekt, alsof er voor deze standpunten geen plaats is in de gelederen van de BEK.

Een positie overigens, die zo ook door de overwegende meerderheid van alle christelijke kerken wereldwijd volledig gedeeld wordt en die tot 30 jaar geleden ook nog door alle lutherse kerken in Duitsland zo voorgestaan werd.

Helaas weigert de kerkelijke commissie hierin een duidelijke, openbare positie in te nemen. We verzoeken daarom ook de publieke opinie en de pers om naar antwoorden te vragen en daardoor eindelijk duidelijkheid te verschaffen. Men probeert over de rug van onze gemeente Bijbels beargumenteerde theologische standpunten in diskrediet te brengen en ons in onze geloofs-, leer-, en gewetensvrijheid te beknotten.

We vragen de kerkelijk commissie:
Waarom treedt u met deze hardheid en onverbiddelijkheid tegen ons als gemeente op? Waarom?

We zien in dit optreden een bewust handelen om onze gemeente te beschadigen. De St. Martini-gemeente behoort niet alleen tot de oudste gemeenten in Bremen, ze is ook de gemeente, die toonaangevend was bij de invoering van de Reformatie in onze stad. De kerkelijke commissie schijnt zich echter bij haar beslissingen sterker door externe lobbygroepen te laten leiden, dan rekening te houden met de behoeften van een van haar gemeenten.

Het is onze vaste overtuiging dat het bij deze schorsing van dominee Latzel slechts om een oppervlakkig oordeel en nog niet om een rechtsgeldig oordeel van de rechtbank gaat. Hier wordt integendeel geprobeerd een onwelgevallige theoloog te bestrijden, wiens werk weliswaar tienduizend keer gewaardeerd wordt, maar wiens protestantse, Bijbelse opstelling bij de kerkelijke commissie niet op de politieke agenda schijnt te passen.

En zo gebruikt men dan tuchtmaatregelen als middel om op de een of andere manier tegen de dominee en de gemeente te kunnen optreden.

We vragen de kerkelijke commissie verder:
Waarom werd in de hele procedure van de laatste maanden tegen onze dominee de St. Martini-gemeente steeds erbuiten gehouden? Als een mantra werd steeds herhaald dat het geheel de gemeente niets aanging.

We verklaren hiermee in niet mis te verstane woorden, dat deze schorsing natuurlijk de St. Martini-gemeente wel aangaat, temeer omdat in ieder geval een deel van de aanstelling van de dominee door de gemeente zelf gefinancierd wordt. Hoe kan men een gemeente sterker treffen, dan door haar dominee te verwijderen? Te beweren, dat het de gemeente niets aangaat, wanneer men haar van haar herder berooft, ervaren wij als een daad van diepste minachting en vernedering van alle leden van de St. Martini-gemeente, en zowel de leden hier in Bremen als ook de vele duizenden leden van onze online-gemeente.

Lieve broeders en zusters, de laatste dagen hebben wij ons als kerkenraad diepgaand met de vraag beziggehouden, hoe het nu verder moet. Velen van u hier ter plaatse en ook van de online-gemeente houdt deze vraag natuurlijk eveneens bezig. Allereerst moeten wij zeggen, dat we tot op heden nog geen directe oplossing hebben voor de moeilijkheden en aanvechtingen, die ons overkomen.

We weten ons echter in alle moeite in de hand van onze levende God, in Jezus Christus. Ook wanneer we de weg nog niet zien, bevelen we ons aan Jezus aan en vertrouwen op Hem, dat Hij ons als Zijn gemeente zal leiden. Niet omdat wij het verdiend zouden hebben, maar alleen uit genade. Dit zij vooraf opgemerkt.

Het volgende willen wij echter in alle voorlopigheid bekend maken:
1. De kerkenraad van de St.-Martini-gemeente zal vanzelfsprekend tegen de schorsing van zijn predikant verzet aantekenen bij de kerkelijke commissie en met alle juridische middelen tegen deze beslissing in beroep gaan.

2. De kerkenraad van de gemeente verzoekt alle gemeenteleden van St. Martini, hier ter plaatse, de online-gemeente, en broeders en zusters uit gemeenten die in het geloof met ons verbonden zijn, bij de BEK tegen de schorsing van onze dominee te protesteren.
Dit protest mag en moet duidelijk, maar in ieder geval vreedzaam en taalkundig niet kwetsend zijn. Dat is erg belangrijk voor ons en een grondregel van het Evangelie. We wijzen iedere vorm van laster nadrukkelijk af. We willen vreedzaam protesteren met e-mails, telefoongesprekken en brieven.

3. De kerkenraad van de St. Martini-gemeente heeft besloten begin januari, als de situatie rondom corona het toelaat, een bijzondere vergadering samen te roepen. Daar moeten de volgende stappen van de gemeente, zoals bijv. vragen naar het laten rusten van rechten en plichten tegenover het centrale orgaan, uitvoerig besproken worden. Bovendien overleggen wij als kerkenraad of verdergaande mogelijkheden van een losmaking uit het verband van de BEK mogelijk zijn. Dit zijn allemaal ingewikkelde kerkrechtelijke vragen, die wij ons nu echter helaas moeten stellen.

4. Veel trouwe Martini-kerkleden zijn, net zoals de leden van de kerkenraad, bitter teleurgesteld en in hun vertrouwen in de kerkelijke commissie diep geschaad. Talrijke broeders en zusters hebben daarom hun uittreden uit de landskerk aangekondigd en deze gedeeltelijk helaas ook al voltrokken. Men wil natuurlijk in de St. Martini-gemeente blijven, maar wil het kerkelijk apparaat, dat de gemeente vijandig gezind is, niet langer ondersteunen.
De kerkenraad van de St. Martini-gemeente roept alle gemeenteleden nadrukkelijk ertoe op de landskerk nu niet te verlaten en niet uit de kerk te treden, maar als leden van de kerk de strijd voor de waarheid op te nemen. Wij als Bijbelgetrouwe christenen mogen ons niet zomaar uit de kerk weg laten pesten en aan laten klagen, ook als het momenteel zo schijnt, alsof hier in Bremen zo ongeveer iedereen tegen ons is.
Maar: we hebben een God in Jezus Christus, die wonderen doet en bij wie niets onmogelijk is. Hij kan nog omkeer en bekering schenken, ook in de lutherse kerken van ons land, het land van de Reformatie. Op deze God vertrouwen wij en gaan met Jezus Christus moedig voorwaarts.

5. De kerkenraad van de gemeente is er vast van overtuigd, dat het bij deze gebeurtenissen om een geestelijke strijd gaat, zoals het in Efeze 6:10-20 beschreven wordt. Daarmee willen we uitdrukkelijk niet de afzonderlijke leden van de kerkelijke commissie veroordelen, dat past ons niet, maar wij willen op de achtergrond van al deze gebeurtenissen wijzen.
Om in zo’n strijd staande te blijven, is het belangrijk, dat er gebeden wordt, zoals de Heilige Schrift het leert. Daarom verzoeken wij u allemaal, die deze verklaring nu horen of later lezen: Bid alstublieft! Bid om bescherming en leiding voor ons als St. Martini-gemeente. Bidt u alstublieft om bijzondere bescherming en zegen voor onze dominee. Bidt u alstublieft om wijsheid voor ons als kerkenraad, dat bij al de komende beslissingen alles in de geest van Jezus beslist wordt.
Bidt u alstublieft ook voor de kerkelijke commissie, dat zijn leden erkennen dat zij hun beslissingen voor God, de Heere, moeten verantwoorden en dat de leden van de kerkelijke commissie met de erkenning van de waarheid, door Jezus gezegend worden.
En bidt u alstublieft dat ds. Latzel zo spoedig mogelijk weer als verkondiger van het Evangelie op de kansel staat.

6. We willen op deze plaats ook danken voor alle ondersteuning in het gebed, brieven en e-mails uit binnen- en buitenland, die ons in de afgelopen maanden bereikt en gedragen hebben.
Broeders en zusters in de Heere, dank u, dat u ons in deze moeilijke tijd ter zijde staat en met ons meeleeft. Dank u wel. De Heere zegene u daarvoor.

Lieve broeders en zusters, we staan in een zware storm, die veel van ons eist. Maar wij weten ons gedragen door Hem, aan Wie wind en zee gehoorzaam zijn:

Jezus Christus. Hem alleen alle eer!

Bremen, 20 december 2020

Dr. Jürgen Fischer, vertegenwoordiger van de kerkenraad van de lutherse St. Martini-gemeente


Gerelateerde artikelen

Gevolgen verkiezingen VS voor LHBTI en godsdienstvrijheid

Naar alle waarschijnlijkheid wordt Joe Biden in januari 2021 beëdigd als de…

Over de grens: Verboden te bidden en ‘hergendering’ Duitse woorden

Op het gebied van schepping, huwelijk, seksualiteit en alles wat daarmee samenhangt…

Veroordeelde ds. Latzel tekent bezwaar aan tegen schorsing door BEK

Naar aanleiding van de strafrechtelijke veroordeling van ds. Latzel eind november heeft…

Over de grens: Schotse scholieren en Biden op de bres voor lhbt’ers

Op het gebied van schepping, huwelijk, seksualiteit en alles wat daarmee samenhangt…